- English
- King James KJV
- Complete Jewish CJB
- World English WEBM
- Berean Standard BSB
- American Standard ASV
- Geneva GNV
- Young's Literal YLT
- Douay-Rheims DRC
- International
- Shqip ALB
- العربية SVD
- বাংলা BN-IRV
- မြန်မာ Judson
- 简体文 CUV-S
- 繁體中文 CUV-T
- Čeština BKR
- Nederlands STVE
- Français LSG
- Deutsch SCH
- Ελληνικά Vamvas
- ગુજરાતી GU-IRV
- Hausa HCB
- עברית Hebrew
- हिन्दी HCV
- Magyar KAROLI
- Bahasa Indonesia INDO-TB
- Italiano Diodati
- 日本語 Kougo
- 한국어 Korean
- മലയാളം MAL
- मराठी MRCV
- Norsk DNB
- فارسی OPV
- Polski BG
- Português Almeida
- Română Cornilescu
- Русский Synodal
- Español RVG
- Kiswahili Neno
- Svenska SV1917
- Tagalog TAG-ADB
- தமிழ் TCV
- తెలుగు TSA
- ภาษาไทย THAI-KJV
- Українська Ohienko
- Tiếng Việt CADMAN
- Yorùbá YCB
circa 1446–1406 BC
The Wilderness Years
Forty years of wandering in the desert test Israel's faith and prepare a new generation to enter the promised land.
Verzen uit dit tijdvak
- Numeri 31:16ca. 1452 v.Chr.
Ziet, deze waren, door den raad van Bileam, den kinderen Israels, om oorzake der overtreding tegen den HEERE te geven, in de zaak van Peor; waardoor die plaag werd onder de vergadering des HEEREN.
- Numeri 31:17ca. 1452 v.Chr.
Nu dan, doodt al wat mannelijk is onder de kinderkens; en doodt alle vrouw, die door bijligging des mans een man bekend heeft.
- Numeri 31:18ca. 1452 v.Chr.
Doch al de kinderen van vrouwelijk geslacht, die de bijligging des mans niet bekend hebben, laat voor ulieden leven.
- Numeri 31:19ca. 1452 v.Chr.
En gijlieden, legert u buiten het leger zeven dagen; een ieder, die een mens gedood, en een ieder, die een verslagene zult aangeroerd hebben, zult u op den derden dag en op den zevenden dag ontzondigen, gij en uw gevangenen.
- Numeri 31:20ca. 1452 v.Chr.
Ook zult gij alle kleding, en alle gereedschap van vellen, en alle geiten haren werk, en gereedschap van hout, ontzondigen.
- Numeri 31:21ca. 1452 v.Chr.
En Eleazar, de priester, zeide tot de krijgslieden, die tot dien strijd getogen waren: Dit is de inzetting der wet, die de HEERE Mozes geboden heeft.
- Numeri 31:22ca. 1452 v.Chr.
Alleen het goud en het zilver, en het koper, het ijzer, het tin en het lood;
- Numeri 31:23ca. 1452 v.Chr.
Alle ding, dat het vuur lijdt, zult gij door het vuur laten doorgaan, dat het rein worde; evenwel zal het door het water der afzondering ontzondigd worden; maar al wat het vuur niet lijdt, zult gij door het water laten doorgaan.
- Numeri 31:24ca. 1452 v.Chr.
Gij zult ook uw klederen op den zevenden dag wassen, dat gij rein wordt; en daarna zult gij in het leger komen.
- Numeri 31:25ca. 1452 v.Chr.
Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
- Numeri 31:26ca. 1452 v.Chr.
Neem op de som van den buit der gevangenen van mensen en van beesten; gij en Eleazar, de priester, en de hoofden van de vaderen der vergadering.
- Numeri 31:27ca. 1452 v.Chr.
En deel den buit in twee helften tussen degenen, die den strijd aangegrepen hebben, die tot den strijd uitgegaan zijn, en tussen de ganse vergadering.
- Numeri 31:28ca. 1452 v.Chr.
Daarna zult gij een schatting voor den HEERE heffen, van de oorlogsmannen, die tot dezen krijg uitgetogen zijn, van vijfhonderd een ziel, uit de mensen en uit de runderen, en uit de ezelen, en uit de schapen.
- Numeri 31:29ca. 1452 v.Chr.
Van hun helft zult gij het nemen, en den priester Eleazar geven tot een heffing des HEEREN.
- Numeri 31:30ca. 1452 v.Chr.
Maar van de helft der kinderen Israels zult gij een gevangene van vijftig nemen, uit de mensen, uit de runderen, uit de ezelen, en uit de schapen, uit al de beesten; en gij zult ze aan de Levieten geven, die de wacht van de tabernakel des HEEREN waarnemen.
- Numeri 31:31ca. 1452 v.Chr.
En Mozes, en Eleazar, de priester, deden, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.
- Numeri 31:32ca. 1452 v.Chr.
De buit nu, het overschot van den roof, dat het krijgsvolk geroofd had, was zeshonderd vijf en zeventig duizend schapen;
- Numeri 31:33ca. 1452 v.Chr.
En twee en zeventig duizend runderen;
- Numeri 31:34ca. 1452 v.Chr.
En een en zestig duizend ezelen;
- Numeri 31:35ca. 1452 v.Chr.
En der mensen zielen, uit de vrouwen, die geen bijligging des mans bekend hadden, alle zielen waren twee en dertig duizend.
- Numeri 31:36ca. 1452 v.Chr.
En de helft, te weten het deel dergenen, die tot dezen krijg uitgetogen waren, was in getal driehonderd zeven en dertig duizend en vijfhonderd schapen.
- Numeri 31:37ca. 1452 v.Chr.
En de schatting voor den HEERE van schapen was zeshonderd vijf en zeventig.
- Numeri 31:38ca. 1452 v.Chr.
En de runderen waren zes en dertig duizend, en hun schatting voor den HEERE twee en zeventig.
- Numeri 31:39ca. 1452 v.Chr.
En de ezelen waren dertig duizend en vijfhonderd, en hun schatting voor den HEERE was een en zestig.
- Numeri 31:40ca. 1452 v.Chr.
En der mensen zielen waren zestien duizend, en hun schatting voor den HEERE twee en dertig zielen.