- English
- King James KJV
- Complete Jewish CJB
- World English WEBM
- Berean Standard BSB
- American Standard ASV
- Geneva GNV
- Young's Literal YLT
- Douay-Rheims DRC
- International
- Shqip ALB
- العربية SVD
- বাংলা BN-IRV
- မြန်မာ Judson
- 简体文 CUV-S
- 繁體中文 CUV-T
- Čeština BKR
- Nederlands STVE
- Français LSG
- Deutsch SCH
- Ελληνικά Vamvas
- ગુજરાતી GU-IRV
- Hausa HCB
- עברית Hebrew
- हिन्दी HCV
- Magyar KAROLI
- Bahasa Indonesia INDO-TB
- Italiano Diodati
- 日本語 Kougo
- 한국어 Korean
- മലയാളം MAL
- मराठी MRCV
- Norsk DNB
- فارسی OPV
- Polski BG
- Português Almeida
- Română Cornilescu
- Русский Synodal
- Español RVG
- Kiswahili Neno
- Svenska SV1917
- Tagalog TAG-ADB
- தமிழ் TCV
- తెలుగు TSA
- ภาษาไทย THAI-KJV
- Українська Ohienko
- Tiếng Việt CADMAN
- Yorùbá YCB
Creation Era
The Tower of Babel
Scattered nations and confused languages mark the beginning of the diversity of peoples across the earth.
Verzen uit dit tijdvak
- Genesis 10:26ca. 2247 v.Chr.
En Joktan gewon Almodad, en selef, en Hatsarmaveth, en Jarach,
- Genesis 10:27ca. 2247 v.Chr.
En Hadoram, en Usal, en Dikla,
- Genesis 10:28ca. 2207 v.Chr.
En Obal, en Abimael, en Scheba,
- Genesis 10:29ca. 2207 v.Chr.
En Ofir, en Havila, en Jobab; deze allen waren zonen van Joktan.
- Genesis 10:30ca. 2207 v.Chr.
En hun woning was van Mescha af, daar gij gaat naar Sefar, het gebergte van het oosten.
- Genesis 10:31ca. 2207 v.Chr.
Deze zijn zonen van Sem, naar hun huisgezinnen, naar hun spraken, in hun landschappen, naar hun volken.
- Genesis 10:32ca. 2207 v.Chr.
Deze zijn de huisgezinnen der zonen van Noach, naar hun geboorten, in hun volken; en van dezen zijn de volken op de aarde verdeeld na den vloed.
- Genesis 11:1ca. 2247 v.Chr.
En de ganse aarde was van enerlei spraak en enerlei woorden.
- Genesis 11:2ca. 2247 v.Chr.
Maar het geschiedde, als zij tegen het oosten togen, dat zij een laagte vonden in het land Sinear; en zij woonden aldaar.
- Genesis 11:3ca. 2247 v.Chr.
En zij zeiden een ieder tot zijn naaste: Kom aan, laat ons tichelen strijken, en wel doorbranden! En de tichel was hun voor steen, en het lijm was hun voor leem.
- Genesis 11:4ca. 2247 v.Chr.
En zij zeiden: Kom aan, laat ons voor ons een stad bouwen, en een toren, welks opperste in den hemel zij, en laat ons een naam voor ons maken, opdat wij niet misschien over de ganse aarde verstrooid worden!
- Genesis 11:5ca. 2247 v.Chr.
Toen kwam de HEERE neder, om te bezien de stad en den toren, die de kinderen der mensen bouwden.
- Genesis 11:6ca. 2247 v.Chr.
En de HEERE zeide: Ziet, zij zijn enerlei volk, en hebben allen enerlei spraak; en dit is het, dat zij beginnen te maken; maar nu, zoude hun niet afgesneden worden al wat zij bedacht hebben te maken?
- Genesis 11:7ca. 2247 v.Chr.
Kom aan, laat Ons nedervaren, en laat Ons hun spraak aldaar verwarren, opdat iegelijk de spraak zijns naasten niet hore.
- Genesis 11:8ca. 2247 v.Chr.
Alzo verstrooide hen de HEERE van daar over de ganse aarde; en zij hielden op de stad te bouwen.
- Genesis 11:9ca. 2247 v.Chr.
Daarom noemde men haar naam Babel; want aldaar verwarde de HEERE de spraak der ganse aarde, en van daar verstrooide hen de HEERE over de ganse aarde.
- Genesis 11:10ca. 2346 v.Chr.
Deze zijn de geboorten van Sem: Sem was honderd jaren oud, en gewon Arfachsad, twee jaren na den vloed.
- Genesis 11:11ca. 1846 v.Chr.
En Sem leefde, nadat hij Arfachsad gewonnen had, vijfhonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
- Genesis 11:12ca. 2311 v.Chr.
En Arfachsad leefde vijf en dertig jaren, en hij gewon Selah.
- Genesis 11:13ca. 1908 v.Chr.
En Arfachsad leefde, nadat hij Selah gewonnen had, vierhonderd en drie jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
- Genesis 11:14ca. 2281 v.Chr.
En Selah leefde dertig jaren, en hij gewon Heber.
- Genesis 11:15ca. 1878 v.Chr.
En Selah leefde, nadat hij Heber gewonnen had, vierhonderd en drie jaren, en hij gewon zonen en dochteren.
- Genesis 11:16ca. 2247 v.Chr.
En Heber leefde vier en dertig jaren, en gewon Peleg.
- Genesis 11:17ca. 1817 v.Chr.
En Heber leefde, nadat hij Peleg gewonnen had, vierhonderd en dertig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
- Genesis 11:18ca. 2217 v.Chr.
En Peleg leefde dertig jaren, en hij gewon Rehu.