- English
- King James KJV
- Complete Jewish CJB
- World English WEBM
- Berean Standard BSB
- American Standard ASV
- Geneva GNV
- Young's Literal YLT
- Douay-Rheims DRC
- International
- Shqip ALB
- العربية SVD
- বাংলা BN-IRV
- မြန်မာ Judson
- 简体文 CUV-S
- 繁體中文 CUV-T
- Čeština BKR
- Nederlands STVE
- Français LSG
- Deutsch SCH
- Ελληνικά Vamvas
- ગુજરાતી GU-IRV
- Hausa HCB
- עברית Hebrew
- हिन्दी HCV
- Magyar KAROLI
- Bahasa Indonesia INDO-TB
- Italiano Diodati
- 日本語 Kougo
- 한국어 Korean
- മലയാളം MAL
- मराठी MRCV
- Norsk DNB
- فارسی OPV
- Polski BG
- Português Almeida
- Română Cornilescu
- Русский Synodal
- Español RVG
- Kiswahili Neno
- Svenska SV1917
- Tagalog TAG-ADB
- தமிழ் TCV
- తెలుగు TSA
- ภาษาไทย THAI-KJV
- Українська Ohienko
- Tiếng Việt CADMAN
- Yorùbá YCB
circa 1406–1380 BC
Conquest of Canaan
Joshua leads Israel across the Jordan into the promised land, defeating the Canaanite kingdoms one by one.
Verzen uit dit tijdvak
- Jozua 18:9ca. 1443 v.Chr.
De mannen dan gingen heen, en togen het land door en beschreven het, naar de steden, in zeven delen, in een boek; en kwamen weder tot Jozua in het leger te Silo.
- Jozua 18:10ca. 1443 v.Chr.
Toen wierp Jozua het lot voor hen te Silo, voor het aangezicht des HEEREN. En Jozua deelde aldaar den kinderen Israels het land, naar hun afdelingen.
- Jozua 18:11ca. 1443 v.Chr.
En het lot van den stam der kinderen van Benjamin kwam op, naar hun huisgezinnen; en de landpale van hun lot ging uit tussen de kinderen van Juda, en tussen de kinderen van Jozef.
- Jozua 18:12ca. 1443 v.Chr.
En hun landpale was naar den hoek noordwaarts van de Jordaan; en deze landpale gaat opwaarts aan de zijde van Jericho van het noorden, en gaat op door het gebergte westwaarts, en haar uitgangen zijn aan de woestijn van Beth-Aven.
- Jozua 18:13ca. 1443 v.Chr.
En van daar gaat de landpale door naar Luz, aan de zijde van Luz, welke is Beth-El, zuidwaarts; en deze landpale gaat af naar Atroth-Addar, aan den berg, die aan de zuidzijde van het benedenste Beth-Horon is.
- Jozua 18:14ca. 1443 v.Chr.
En die landpale strekt en keert zich om, naar den westhoek zuidwaarts van den berg, die tegenover Beth-horon zuidwaarts is, en haar uitgangen zijn aan Kirjath-Baal (welke is Kirjath-Jearim), een stad der kinderen van Juda. Dit is de hoek ten westen.
- Jozua 18:15ca. 1443 v.Chr.
De hoek nu ten zuiden is aan het uiterste van Kirjath-Jearim; en deze landpale gaat uit ten westen, en zij komt uit aan de fontein der wateren van Neftoah.
- Jozua 18:16ca. 1443 v.Chr.
En deze landpale gaat af tot aan het uiterste des bergs, die tegenover het dal van den zoon van Hinnom is, die in het dat der Refaiten is tegen het noorden; en gaat af door het dal van Hinnom, aan de zijde der Jebusieten zuidwaarts, en gaat af aan de fontein van Rogel;
- Jozua 18:17ca. 1443 v.Chr.
En strekt zich van het noorden, en gaat uit te En-semes; van daar gaat zij uit naar Geliloth, welke is tegenover den opgang naar Adummim, en zij gaat af aan den steen van Bohan, den zoon van Ruben;
- Jozua 18:18ca. 1443 v.Chr.
En gaat door ter zijde tegenover Araba naar het noorden, en gaat af te Araba.
- Jozua 18:19ca. 1443 v.Chr.
Verder gaat deze landpale door aan de zijde van Beth-hogla noordwaarts, en de uitgangen van deze landpale zijn aan de tong der Zoutzee noordwaarts, aan het uiterste van de Jordaan zuidwaarts. Dit is de zuiderlandpale.
- Jozua 18:20ca. 1443 v.Chr.
De Jordaan nu bepaalt haar aan den hoek naar het oosten. Dit is het erfdeel der kinderen van Benjamin, in hun landpalen rondom, naar hun huisgezinnen.
- Jozua 18:21ca. 1443 v.Chr.
De steden nu van den stam der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen, zijn: Jericho, en Beth-hogla, en Emek-Keziz,
- Jozua 18:22ca. 1443 v.Chr.
En Beth-araba, en Zemaraim, en Beth-El,
- Jozua 18:23ca. 1443 v.Chr.
En Haavvim, en Para, en Ofra,
- Jozua 18:24ca. 1443 v.Chr.
Chefar-haammonai, en Ofni, en Gaba; twaalf steden en haar dorpen.
- Jozua 18:25ca. 1443 v.Chr.
Gibeon, en Rama, en Beeroth,
- Jozua 18:26ca. 1443 v.Chr.
En Mizpa, en Chefira, en Moza,
- Jozua 18:27ca. 1443 v.Chr.
En Rekem, en Jirpeel, en Tharala,
- Jozua 18:28ca. 1443 v.Chr.
En Zela, Elef en Jebusi (deze is Jeruzalem), Gibath, Kirjath: veertien steden mitsgaders haar dorpen. Dit is het erfdeel der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen.
- Jozua 19:1ca. 1443 v.Chr.
Daarna ging het tweede lot uit voor Simeon, voor den stam der kinderen van Simeon, naar hun huisgezinnen; en hun erfdeel was in het midden van het erfdeel der kinderen van Juda.
- Jozua 19:2ca. 1443 v.Chr.
En zij hadden in hun erfdeel: Beer-seba, en Seba, en Molada,
- Jozua 19:3ca. 1443 v.Chr.
En Hazar-Sual, en Bala, en Azem,
- Jozua 19:4ca. 1443 v.Chr.
En Eltholad, en Bethul, en Horma,
- Jozua 19:5ca. 1443 v.Chr.
En Ziklag, en Beth-hammerchaboth, en Hazar-Suza,