Naar de inhoud

circa 6 BC – AD 30

The Life of Jesus

The eternal Son of God enters history: born in Bethlehem, baptized in the Jordan, crucified at Golgotha, raised on the third day.

3,779 verzen · 4 boeken behandeld

Verzen uit dit tijdvak

Filter op boek
  1. Johannes 13:15ca. 33 n.Chr.

    Want Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat, gelijkerwijs Ik u gedaan heb, gijlieden ook doet.

  2. Johannes 13:16ca. 33 n.Chr.

    Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Een dienstknecht is niet meerder dan zijn heer, noch een gezant meerder, dan die hem gezonden heeft.

  3. Johannes 13:17ca. 33 n.Chr.

    Indien gij deze dingen weet, zalig zijt gij, zo gij dezelve doet.

  4. Johannes 13:18ca. 33 n.Chr.

    Ik zeg niet van u allen: Ik weet, welke Ik uitverkoren heb; maar dit geschiedt, opdat de Schrift vervuld worde: Die met Mij het brood eet, heeft tegen Mij zijn verzenen opgeheven.

  5. Johannes 13:19ca. 33 n.Chr.

    Van nu zeg Ik het ulieden, eer het geschied is, opdat, wanneer het geschied zal zijn, gij geloven moogt, dat Ik het ben.

  6. Johannes 13:20ca. 33 n.Chr.

    Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo Ik iemand zende, wie dien ontvangt, die ontvangt Mij, en wie Mij ontvangt, die ontvangt Hem, Die Mij gezonden heeft.

  7. Johannes 13:21ca. 33 n.Chr.

    Jezus, deze dingen gezegd hebbende, werd ontroerd in den geest, en betuigde, en zeide: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, dat een van ulieden Mij zal verraden.

  8. Johannes 13:22ca. 33 n.Chr.

    De discipelen dan zagen op elkander, twijfelende, van wien Hij dat zeide.

  9. Johannes 13:23ca. 33 n.Chr.

    En een van Zijn discipelen was aanzittende in den schoot van Jezus, welken Jezus liefhad.

  10. Johannes 13:24ca. 33 n.Chr.

    Simon Petrus dan wenkte dezen, dat hij vragen zou, wie hij toch ware, van welken Hij dit zeide.

  11. Johannes 13:25ca. 33 n.Chr.

    En deze, vallende op de borst van Jezus, zeide tot Hem: Heere, wie is het?

  12. Johannes 13:26ca. 33 n.Chr.

    Jezus antwoordde: Deze is het, dien Ik de bete, als Ik ze ingedoopt heb, geven zal. En als Hij de bete ingedoopt had, gaf Hij ze Judas, Simons zoon, Iskariot.

  13. Johannes 13:27ca. 33 n.Chr.

    En na de bete, toen voer de satan in hem. Jezus dan zeide tot hem: Wat gij doet, doe het haastelijk.

  14. Johannes 13:28ca. 33 n.Chr.

    En dit verstond niemand dergenen, die aanzaten, waartoe Hij hem dat zeide.

  15. Johannes 13:29ca. 33 n.Chr.

    Want sommigen meenden, dewijl Judas de beurs had, dat hem Jezus zeide: Koop, hetgeen wij van node hebben tot het feest, of, dat hij den armen wat geven zou.

  16. Johannes 13:30ca. 33 n.Chr.

    Hij dan, de bete genomen hebbende, ging terstond uit. En het was nacht.

  17. Johannes 13:31ca. 33 n.Chr.

    Als hij dan uitgegaan was, zeide Jezus: Nu is de Zoon des mensen verheerlijkt, en God is in Hem verheerlijkt.

  18. Johannes 13:32ca. 33 n.Chr.

    Indien God in Hem verheerlijkt is, zo zal ook God Hem verheerlijken in Zichzelven, en Hij zal Hem terstond verheerlijken.

  19. Johannes 13:33ca. 33 n.Chr.

    Kinderkens, nog een kleinen tijd ben Ik bij u. Gij zult Mij zoeken, en gelijk Ik den Joden gezegd heb: Waar Ik heenga, kunt gij niet komen; alzo zeg Ik ulieden nu ook.

  20. Johannes 13:34ca. 33 n.Chr.

    Een nieuw gebod geef Ik u, dat gij elkander liefhebt; gelijk Ik u liefgehad heb, dat ook gij elkander liefhebt.

  21. Johannes 13:35ca. 33 n.Chr.

    Hieraan zullen zij allen bekennen, dat gij Mijn discipelen zijt, zo gij liefde hebt onder elkander.

  22. Johannes 13:36ca. 33 n.Chr.

    Simon Petrus zeide tot Hem: Heere, waar gaat Gij heen? Jezus antwoordde hem: Waar Ik heenga, kunt gij Mij nu niet volgen; maar gij zult Mij namaals volgen.

  23. Johannes 13:37ca. 33 n.Chr.

    Petrus zeide tot Hem: Heere, waarom kan ik U nu niet volgen? Ik zal mijn leven voor U zetten.

  24. Johannes 13:38ca. 33 n.Chr.

    Jezus antwoordde hem: Zult gij uw leven voor Mij zetten? Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: De haan zal niet kraaien, totdat gij Mij driemaal verloochend zult hebben.

  25. Johannes 14:1ca. 33 n.Chr.

    Uw hart worde niet ontroerd; gijlieden gelooft in God, gelooft ook in Mij.