Naar de inhoud

circa AD 48–96

Letters to the Churches

Paul and other apostles write to strengthen, correct, and encourage the scattered churches across the Roman world.

2,767 verzen · 21 boeken behandeld

Verzen uit dit tijdvak

Filter op boek
  1. Hebreeën 13:15ca. 64 n.Chr.

    Laat ons dan door Hem altijd Gode opofferen een offerande des lofs, dat is, de vrucht der lippen, die Zijn Naam belijden.

  2. Hebreeën 13:16ca. 64 n.Chr.

    En vergeet de weldadigheid en de mededeelzaamheid niet; want aan zodanige offeranden heeft God een welbehagen.

  3. Hebreeën 13:17ca. 64 n.Chr.

    Zijt uw voorgangeren gehoorzaam, en zijt hun onderdanig; want zij waken voor uw zielen, als die rekenschap geven zullen; opdat zij dat doen mogen met vreugde en niet al zuchtende; want dat is u niet nuttig.

  4. Hebreeën 13:18ca. 64 n.Chr.

    Bidt voor ons; want wij vertrouwen, dat wij een goed geweten hebben, als die in alles willen eerlijk wandelen.

  5. Hebreeën 13:19ca. 64 n.Chr.

    En ik bid u te meer, dat gij dit doet, opdat ik te eerder ulieden moge wedergegeven worden.

  6. Hebreeën 13:20ca. 64 n.Chr.

    De God nu des vredes, Die den grote Herder der schapen, door het bloed des eeuwigen testaments, uit de doden heeft wedergebracht, namelijk onze Heere Jezus Christus,

  7. Hebreeën 13:21ca. 64 n.Chr.

    Die volmake u in alle goed werk, opdat gij Zijn wil moogt doen; werkende in u, hetgeen voor Hem welbehagelijk is, door Jezus Christus; Denwelken zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.

  8. Hebreeën 13:22ca. 64 n.Chr.

    Doch ik bid u, broeders, verdraagt het woord dezer vermaning; want ik heb u in het kort geschreven.

  9. Hebreeën 13:23ca. 64 n.Chr.

    Weet, dat de broeder Timotheus losgelaten is, met welken (zo hij haast komt) ik u zal zien.

  10. Hebreeën 13:24ca. 64 n.Chr.

    Groet al uw voorgangeren, en al de heiligen. U groeten die van Italie zijn.

  11. Hebreeën 13:25ca. 64 n.Chr.

    De genade zij met u allen. Amen.

  12. Jakobus 1:1ca. 60 n.Chr.

    Jakobus, een dienstknecht van God en van den Heere Jezus Christus; aan de twaalf stammen, die in de verstrooiing zijn: zaligheid.

  13. Jakobus 1:2ca. 60 n.Chr.

    Acht het voor grote vreugde, mijn broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt;

  14. Jakobus 1:3ca. 60 n.Chr.

    Wetende, dat de beproeving uws geloofs lijdzaamheid werkt.

  15. Jakobus 1:4ca. 60 n.Chr.

    Doch de lijdzaamheid hebbe een volmaakt werk, opdat gij moogt volmaakt zijn en geheel oprecht, in geen ding gebrekkelijk.

  16. Jakobus 1:5ca. 60 n.Chr.

    En indien iemand van u wijsheid ontbreekt, dat hij ze van God begere, Die een iegelijk mildelijk geeft, en niet verwijt; en zij zal hem gegeven worden.

  17. Jakobus 1:6ca. 60 n.Chr.

    Maar dat hij ze begere in geloof, niet twijfelende; want die twijfelt, is een baar der zee gelijk, die van den wind gedreven en op en nedergeworpen wordt.

  18. Jakobus 1:7ca. 60 n.Chr.

    Want die mens mene niet, dat hij iets ontvangen zal van den Heere.

  19. Jakobus 1:8ca. 60 n.Chr.

    Een dubbelhartig man is ongestadig in al zijn wegen.

  20. Jakobus 1:9ca. 60 n.Chr.

    Maar de broeder, die nederig is, roeme in zijn hoogheid.

  21. Jakobus 1:10ca. 60 n.Chr.

    En de rijke in zijn vernedering; want hij zal als een bloem van het gras voorbijgaan.

  22. Jakobus 1:11ca. 60 n.Chr.

    Want de zon is opgegaan met de hitte, en heeft het gras dor gemaakt, en zijn bloem is afgevallen, en de schone gedaante haars aanschijns is vergaan; alzo zal ook de rijke in zijn wegen verwelken.

  23. Jakobus 1:12ca. 60 n.Chr.

    Zalig is de man, die verzoeking verdraagt; want als hij beproefd zal geweest zijn, zal hij de kroon des levens ontvangen, welke de Heere beloofd heeft dengenen, die Hem liefhebben.

  24. Jakobus 1:13ca. 60 n.Chr.

    Niemand, als hij verzocht wordt, zegge: Ik word van God verzocht; want God kan niet verzocht worden met het kwade, en Hij Zelf verzoekt niemand.

  25. Jakobus 1:14ca. 60 n.Chr.

    Maar een iegelijk wordt verzocht, als hij van zijn eigen begeerlijkheid afgetrokken en verlokt wordt.