Naar de inhoud

circa 970–930 BC

Solomon & The Temple

Solomon builds the great Temple in Jerusalem and rules with unprecedented wisdom and wealth before foreign gods divide his heart.

635 verzen · 2 boeken behandeld

Verzen uit dit tijdvak

Filter op boek
  1. 1 Koningen 6:22ca. 1011 v.Chr.

    Alzo overtoog hij het ganse huis met goud, totdat het ganse huis volmaakt was; daartoe overtoog hij met goud het gehele altaar, dat voor de aanspraakplaats was.

  2. 1 Koningen 6:23ca. 1011 v.Chr.

    In de aanspraakplaats nu maakte hij twee cherubs van olieachtig hout; elks hoogte was tien ellen.

  3. 1 Koningen 6:24ca. 1011 v.Chr.

    En van vijf ellen was de ene vleugel des cherubs, en van vijf ellen de andere vleugel des cherubs; van het einde van zijn enen vleugel, tot aan het einde van zijn anderen vleugel, waren tien ellen.

  4. 1 Koningen 6:25ca. 1011 v.Chr.

    Alzo was de andere cherub van tien ellen; beide cherubs hadden enerlei maat, en enerlei snede.

  5. 1 Koningen 6:26ca. 1011 v.Chr.

    De hoogte van den enen cherub was van tien ellen, en alzo van den anderen cherub.

  6. 1 Koningen 6:27ca. 1011 v.Chr.

    En hij zette deze cherubs in het midden van het binnenste huis; en de cherubs spreidden de vleugelen uit, zodat de vleugel des enen raakte aan dezen wand, en de vleugel des anderen cherubs raakte aan den anderen wand; en hun vleugelen naar het midden van het huis raakten vleugel aan vleugel.

  7. 1 Koningen 6:28ca. 1011 v.Chr.

    En hij overtoog deze cherubs met goud.

  8. 1 Koningen 6:29ca. 1011 v.Chr.

    En al de wanden van het huis, in het ronde, graveerde hij met uitgesneden graveringen van cherubs, en van palmbomen, en open bloemen, van binnen en van buiten.

  9. 1 Koningen 6:30ca. 1011 v.Chr.

    Daartoe overtoog hij den vloer van het huis met goud van binnen en van buiten.

  10. 1 Koningen 6:31ca. 1011 v.Chr.

    En aan den ingang der aanspraakplaats maakte hij deuren van olieachtig hout; de bovendorpel met de posten was het vijfde deel des wands.

  11. 1 Koningen 6:32ca. 1011 v.Chr.

    De twee deuren ook waren van olieachtige bomen; en hij graveerde daarop graveringen van cherubs, en van palmbomen, en van open bloemen, dewelke hij met goud overtoog; ook trok hij goud over de cherubs en over de palmbomen.

  12. 1 Koningen 6:33ca. 1011 v.Chr.

    En alzo maakte hij aan de deuren des tempels posten van olieachtige bomen, uit het vierde deel van de wand.

  13. 1 Koningen 6:34ca. 1011 v.Chr.

    En de twee deuren waren van dennenhout; de twee zijden der ene deur waren omdraaiende; alzo waren de twee gegraveerde zijden der andere deur omdraaiende.

  14. 1 Koningen 6:35ca. 1011 v.Chr.

    En hij graveerde ze met cherubs, en palmbomen, en open bloemen, dewelke hij met goud overtoog, gericht naar het uitgesnedene.

  15. 1 Koningen 6:36ca. 1011 v.Chr.

    Daarna bouwde hij het binnenste voorhof van drie rijen gehouwen stenen, en een rij cederen balken.

  16. 1 Koningen 6:37ca. 1011 v.Chr.

    In het vierde jaar werd de grond van het huis des HEEREN gelegd, in de maand Ziv;

  17. 1 Koningen 6:38ca. 1011 v.Chr.

    En in het elfde jaar, in de maand Bul, welke is de achtste maand, was dit huis volmaakt, naar al zijn stukken en naar al zijn behoren; alzo heeft hij zeven jaren daaraan gebouwd.

  18. Maar aan zijn huis bouwde Salomo dertien jaren, en hij volmaakte zijn ganse huis.

  19. Hij bouwde ook het huis des wouds van Libanon, van honderd ellen in zijn lengte, en vijftig ellen in zijn breedte, en dertig ellen in zijn hoogte, op vier rijen van cederen pilaren, en cederen balken op de pilaren.

  20. En het was bedekt met ceder van boven op de ribben, die op vijf en veertig pilaren waren, vijftien in een rij.

  21. Er waren drie rijen van uitzichten, dat het ene venster was over het andere venster, in drie orden.

  22. Ook waren al de deuren en de posten vierkantig van enerlei uitzicht; en venster was tegenover venster, in drie orden.

  23. Daarna maakte hij een voorhuis van pilaren; vijftig ellen was zijn lengte, en dertig ellen zijn breedte; en het voorhuis was tegenover die, en de pilaren met de dikke balken tegenover dezelve.

  24. Ook maakte hij een voorhuis voor den troon, alwaar hij richtte, tot een voorhuis des gerichts, dat met ceder bedekt was, van vloer tot vloer.

  25. En aan zijn huis, alwaar hij woonde, was een ander voorhof, meer inwaarts dan dat voorhuis, hetwelk aan hetzelve werk gelijk was; ook maakte hij voor de dochter van Farao, die Salomo tot vrouw genomen had, een huis, aan dat voorhuis gelijk.