Naar de inhoud

circa AD 95

The Revelation

John's vision on Patmos unveils the cosmic victory of the Lamb over evil and the final restoration of all creation.

404 verzen · 1 boek behandeld

Verzen uit dit tijdvak

  1. Openbaring 21:20ca. 96 n.Chr.

    Het vijfde Sardonix, het zesde Sardius, het zevende Chrysoliet, het achtste Beryl, het negende Topaas, het tiende Chrysopraas, het elfde Hyacinth, het twaalfde Amethyst.

  2. Openbaring 21:21ca. 96 n.Chr.

    En de twaalf poorten waren twaalf paarlen, een iedere poort was elk uit een paarl; en de straat der stad was zuiver goud; gelijk doorluchtig glas.

  3. Openbaring 21:22ca. 96 n.Chr.

    En ik zag geen tempel in dezelve; want de Heere, de almachtige God, is haar Tempel, en het Lam.

  4. Openbaring 21:23ca. 96 n.Chr.

    En de stad behoeft de zon en de maan niet, dat zij in dezelve zouden schijnen; want de heerlijkheid Gods heeft haar verlicht, en het Lam is haar Kaars.

  5. Openbaring 21:24ca. 96 n.Chr.

    En de volken, die zalig worden, zullen in haar licht wandelen; en de koningen der aarde brengen hun heerlijkheid en eer in dezelve.

  6. Openbaring 21:25ca. 96 n.Chr.

    En haar poorten zullen niet gesloten worden des daags; want aldaar zal geen nacht zijn.

  7. Openbaring 21:26ca. 96 n.Chr.

    En zij zullen de heerlijkheid en de eer der volken daarin brengen.

  8. Openbaring 21:27ca. 96 n.Chr.

    En in haar zal niet inkomen iets, dat ontreinigt, en gruwelijkheid doet, en leugen spreekt; maar die geschreven zijn in het boek des levens des Lams.

  9. Openbaring 22:1ca. 96 n.Chr.

    En hij toonde mij een zuivere rivier van het water des levens, klaar als kristal, voortkomende uit den troon Gods, en des Lams.

  10. Openbaring 22:2ca. 96 n.Chr.

    In het midden van haar straat en op de ene en de andere zijde der rivier was de boom des levens, voortbrengende twaalf vruchten, van maand tot maand gevende zijne vrucht; en de bladeren des booms waren tot genezing der heidenen.

  11. Openbaring 22:3ca. 96 n.Chr.

    En geen vervloeking zal er meer tegen iemand zijn; en de troon Gods en des Lams zal daarin zijn, en Zijn dienstknechten zullen Hem dienen;

  12. Openbaring 22:4ca. 96 n.Chr.

    En zullen Zijn aangezicht zien, en Zijn Naam zal op hun voorhoofden zijn.

  13. Openbaring 22:5ca. 96 n.Chr.

    En aldaar zal geen nacht zijn, en zij zullen geen kaars noch licht der zon van node hebben; want de Heere God verlicht hen; en zij zullen als koningen heersen in alle eeuwigheid.

  14. Openbaring 22:6ca. 96 n.Chr.

    En hij zeide tot mij: Deze woorden zijn getrouw en waarachtig; en de Heere, de God der heilige profeten, heeft Zijn engel gezonden, om Zijn dienstknechten te tonen, hetgeen haast moet geschieden.

  15. Openbaring 22:7ca. 96 n.Chr.

    Zie, Ik kom haastiglijk zalig is hij, die de woorden der profetie dezes boeks bewaart.

  16. Openbaring 22:8ca. 96 n.Chr.

    En ik, Johannes, ben degene, die deze dingen gezien en gehoord heb. En toen ik ze gehoord en gezien had, viel ik neder om aan te bidden voor de voeten des engels, die mij deze dingen toonde.

  17. Openbaring 22:9ca. 96 n.Chr.

    En hij zeide tot mij: Zie, dat gij het niet doet; want ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, der profeten, en dergenen, die de woorden dezes boeks bewaren; aanbid God.

  18. Openbaring 22:10ca. 96 n.Chr.

    En hij zeide tot mij: Verzegel de woorden der profetie dezes boeks niet; want de tijd is nabij.

  19. Openbaring 22:11ca. 96 n.Chr.

    Die onrecht doet, dat hij nog onrecht doe; en die vuil is, dat hij nog vuil worde; en die rechtvaardig is, dat hij nog gerechtvaardigd worde; en die heilig is, dat hij nog geheiligd worde.

  20. Openbaring 22:12ca. 96 n.Chr.

    En zie, Ik kom haastiglijk en Mijn loon is met Mij, om een iegelijk te vergelden, gelijk zijn werk zal zijn.

  21. Openbaring 22:13ca. 96 n.Chr.

    Ik ben de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde; de Eerste en de Laatste.

  22. Openbaring 22:14ca. 96 n.Chr.

    Zalig zijn zij, die Zijn geboden doen, opdat hun macht zij aan den boom des levens, en zij door de poorten mogen ingaan in de stad.

  23. Openbaring 22:15ca. 96 n.Chr.

    Maar buiten zullen zijn de honden, en de tovenaars, en de hoereerders, en de doodslagers, en de afgodendienaars, en een iegelijk, die de leugen liefheeft, en doet.

  24. Openbaring 22:16ca. 96 n.Chr.

    Ik, Jezus, heb Mijn engel gezonden om ulieden deze dingen te getuigen in de Gemeenten. Ik ben de Wortel en het geslacht Davids, de blinkende Morgenster.

  25. Openbaring 22:17ca. 96 n.Chr.

    En de Geest en de Bruid zeggen: Kom! En die het hoort, zegge: Kom! En die dorst heeft, kome; en die wil, neme het water des levens om niet.