Naar de inhoud

circa 1446–1406 BC

The Wilderness Years

Forty years of wandering in the desert test Israel's faith and prepare a new generation to enter the promised land.

2,247 verzen · 2 boeken behandeld

Verzen uit dit tijdvak

Filter op boek
  1. Numeri 35:10ca. 1451 v.Chr.

    Spreek tot de kinderen Israels, en zeg tot hen: Wanneer gij over de Jordaan gaat naar het land Kanaan.

  2. Numeri 35:11ca. 1451 v.Chr.

    Zo zult gij maken, dat u steden tegemoet liggen, die u tot vrijsteden zullen zijn; opdat de doodslager daarheen vliede, die een ziel onwetend geslagen heeft.

  3. Numeri 35:12ca. 1451 v.Chr.

    En deze steden zullen u tot een toevlucht zijn voor den bloed wreker; opdat de doodslager niet sterve, totdat hij voor de vergadering aan het gericht gestaan hebbe.

  4. Numeri 35:13ca. 1451 v.Chr.

    En deze steden, die gij geven zult, zullen zes vrijsteden voor u zijn.

  5. Numeri 35:14ca. 1451 v.Chr.

    Drie dezer vrijsteden zult gij geven op deze zijde van de Jordaan, en drie dezer steden zult gij geven in het land Kanaan; vrijsteden zullen het zijn.

  6. Numeri 35:15ca. 1451 v.Chr.

    Die zes steden zullen voor de kinderen Israels, en voor den vreemdeling, en den bijwoner in het midden van hen, tot een toevlucht zijn; opdat daarheen vliede, wie een ziel onvoorziens slaat.

  7. Numeri 35:16ca. 1451 v.Chr.

    Maar indien hij hem met een ijzeren instrument geslagen heeft, dat hij gestorven zij, een doodslager is hij; deze doodslager zal zekerlijk gedood worden.

  8. Numeri 35:17ca. 1451 v.Chr.

    Of indien hij hem met een handsteen, waarvan met zoude kunnen sterven, geslagen heeft, dat hij gestorven zij, een doodslager is hij; deze doodslager zal zekerlijk gedood worden.

  9. Numeri 35:18ca. 1451 v.Chr.

    Of indien hij hem met een houten handinstrument, waarvan men zoude kunnen sterven, geslagen heeft, dat hij gestorven zij, een doodslager is hij; deze doodslager zal zekerlijk gedood worden.

  10. Numeri 35:19ca. 1451 v.Chr.

    De wreker des bloeds, die zal den doodslager doden; als hij hem ontmoet, zal hij hem doden.

  11. Numeri 35:20ca. 1451 v.Chr.

    Indien hij hem ook door haat zal gestoten hebben, of met opzet op hem geworpen heeft, dat hij gestorven zij;

  12. Numeri 35:21ca. 1451 v.Chr.

    Of hem door vijandschap met zijn hand geslagen heeft, dat hij gestorven zij; de slager zal zekerlijk gedood worden, een doodslager is hij; de bloedwreker zal dezen doodslager doden, als hij hem ontmoet.

  13. Numeri 35:22ca. 1451 v.Chr.

    Maar indien hij hem met der haast, zonder vijandschap gestoten heeft, of enig instrument zonder opzet op hem geworpen heeft;

  14. Numeri 35:23ca. 1451 v.Chr.

    Of onvoorziens met enigen steen, waarvan men zoude kunnen sterven, en hij dien op hem heeft doen vallen, dat hij gestorven zij, zo hij hem toch geen vijand was, noch zijn kwaad zoekende;

  15. Numeri 35:24ca. 1451 v.Chr.

    Zo zal de vergadering richten tussen den slager, en tussen den bloedwreker, naar deze zelve rechten.

  16. Numeri 35:25ca. 1451 v.Chr.

    En de vergadering zal den doodslager redden uit den hand des bloedwrekers, en de vergadering zal hem doen wederkeren tot zijn vrijstad, waarheen hij gevloden was; en hij zal daarin blijven tot den dood des hogepriesters, dien men met de heilige olie gezalfd heeft.

  17. Numeri 35:26ca. 1451 v.Chr.

    Doch indien de doodslager enigzins zal gaan uit de palen zijner vrijstad, waarheen hij gevloden was,

  18. Numeri 35:27ca. 1451 v.Chr.

    En de bloedwreker hem zal vinden buiten de palen zijner vrijstad; zo de bloedwreker den doodslager zal doden, het zal hem geen bloedschuld zijn.

  19. Numeri 35:28ca. 1451 v.Chr.

    Want hij zou in zijn vrijstad gebleven zijn tot den dood des hogepriesters; maar na de dood des hogepriesters zal de doodslager wederkeren tot het land zijner bezitting.

  20. Numeri 35:29ca. 1451 v.Chr.

    En deze dingen zullen ulieden zijn tot een inzetting van recht, bij uw geslachten, in al uw woningen.

  21. Numeri 35:30ca. 1451 v.Chr.

    Al wie de ziel slaat, naar den mond der getuige zal men den doodslager doden, maar een enig getuige zal niet getuigen tegen een ziel, dat zij sterve.

  22. Numeri 35:31ca. 1451 v.Chr.

    En gij zult geen verzoening nemen voor de ziel des doodslagers, die schuldig is te sterven; want hij zal zekerlijk gedood worden.

  23. Numeri 35:32ca. 1451 v.Chr.

    Ook zult gij geen verzoening nemen voor dien, die gevlucht is naar zijn vrijstad, dat hij zou wederkeren, om te wonen in het land, tot den dood des hoge priesters.

  24. Numeri 35:33ca. 1451 v.Chr.

    Zo zult gij niet ontheiligen het land, waarin gij zijt; want het bloed ontheiligt het land; en voor het land zal geen verzoening gedaan worden over het bloed, dat daarin vergoten is, dan door het bloed desgenen, die dat vergoten heeft.

  25. Numeri 35:34ca. 1451 v.Chr.

    Verontreinigt dan het land niet, waarin gij gaat wonen, in welks midden Ik wonen zal; want Ik ben de HEERE, wonende in het midden der kinderen Israels.