- English
- King James KJV
- Complete Jewish CJB
- World English WEBM
- Berean Standard BSB
- American Standard ASV
- Geneva GNV
- Young's Literal YLT
- Douay-Rheims DRC
- International
- Shqip ALB
- العربية SVD
- বাংলা BN-IRV
- မြန်မာ Judson
- 简体文 CUV-S
- 繁體中文 CUV-T
- Čeština BKR
- Nederlands STVE
- Français LSG
- Deutsch SCH
- Ελληνικά Vamvas
- ગુજરાતી GU-IRV
- Hausa HCB
- עברית Hebrew
- हिन्दी HCV
- Magyar KAROLI
- Bahasa Indonesia INDO-TB
- Italiano Diodati
- 日本語 Kougo
- 한국어 Korean
- മലയാളം MAL
- मराठी MRCV
- Norsk DNB
- فارسی OPV
- Polski BG
- Português Almeida
- Română Cornilescu
- Русский Synodal
- Español RVG
- Kiswahili Neno
- Svenska SV1917
- Tagalog TAG-ADB
- தமிழ் TCV
- తెలుగు TSA
- ภาษาไทย THAI-KJV
- Українська Ohienko
- Tiếng Việt CADMAN
- Yorùbá YCB
circa 1010–970 BC
The Reign of David
David unites the tribes, conquers Jerusalem, and establishes Israel's golden age—even through deep personal failure.
Verzen uit dit tijdvak
- 1 Kronieken 23:7ca. 1015 v.Chr.
Uit de Gersonieten waren Ladan en Simei.
- 1 Kronieken 23:8ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Ladan waren dezen: Jehiel, het hoofd, en Zetham, en Joel; drie.
- 1 Kronieken 23:9ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Simei waren Selomith, en Haziel, en Haran, drie; dezen waren de hoofden der vaderen van Ladan.
- 1 Kronieken 23:10ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Simei nu waren Jahath, Zina, en Jeus, en Beria; dezen waren de kinderen van Simei; vier.
- 1 Kronieken 23:11ca. 1015 v.Chr.
En Jahath was het hoofd, en Zizza de tweede; maar Jeus en Beria hadden niet vele kinderen; daarom waren zij in het vaderlijke huis maar van een telling.
- 1 Kronieken 23:12ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Kehath waren Amram, Jizhar, Hebron en Uzziel; vier.
- 1 Kronieken 23:13ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Amram waren Aaron en Mozes. Aaron nu werd afgezonderd, dat hij heiligde de allerheiligste dingen, hij en zijn zonen, tot in eeuwigheid, om te roken voor het aangezicht des HEEREN, om Hem te dienen en om in Zijn Naam tot in eeuwigheid te zegenen.
- 1 Kronieken 23:14ca. 1015 v.Chr.
Aangaande nu Mozes, den man Gods, zijn kinderen werden genoemd onder den stam van Levi.
- 1 Kronieken 23:15ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Mozes waren Gersom en Eliezer.
- 1 Kronieken 23:16ca. 1015 v.Chr.
Van de kinderen van Gersom was Sebuel het hoofd.
- 1 Kronieken 23:17ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Eliezer nu waren dezen: Rehabja het hoofd; en Eliezer had geen andere kinderen, maar de kinderen van Rehabja vermeerderden ten hoogste.
- 1 Kronieken 23:18ca. 1015 v.Chr.
Van de kinderen van Jizhar was Selomith het hoofd.
- 1 Kronieken 23:19ca. 1015 v.Chr.
Aangaande de kinderen van Hebron: Jeria was het hoofd, Amarja de tweede, Jahaziel de derde, en Jekameam de vierde.
- 1 Kronieken 23:20ca. 1015 v.Chr.
Aangaande de kinderen van Uzziel: Micha was het hoofd, en Jissia de tweede.
- 1 Kronieken 23:21ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Merari waren Maheli en Musi; de kinderen van Maheli waren Eleazar en Kis.
- 1 Kronieken 23:22ca. 1015 v.Chr.
En Eleazar stierf, en hij had geen zonen, maar dochters; en de kinderen van Kis, haar broeders, namen ze.
- 1 Kronieken 23:23ca. 1015 v.Chr.
De kinderen van Musi waren Maheli, en Eder, en Jeremoth; drie.
- 1 Kronieken 23:24ca. 1015 v.Chr.
Dit zijn de kinderen van Levi, naar het huis hunner vaderen, de hoofden der vaderen, naar hun gerekenden in het getal der namen naar hun hoofden, doende het werk van den dienst van het huis des HEEREN van twintig jaren oud en daarboven.
- 1 Kronieken 23:25ca. 1015 v.Chr.
Want David had gezegd: De HEERE, de God Israels, heeft Zijn volk rust gegeven, en Hij zal te Jeruzalem wonen tot in eeuwigheid.
- 1 Kronieken 23:26ca. 1015 v.Chr.
En ook aangaande de Levieten, dat zij den tabernakel, noch enig van deszelfs gereedschap, tot deszelfs dienst behorende, niet meer zouden dragen.
- 1 Kronieken 23:27ca. 1015 v.Chr.
Want naar de laatste woorden van David werden de kinderen van Levi geteld, van twintig jaren oud en daarboven;
- 1 Kronieken 23:28ca. 1015 v.Chr.
Omdat hun standplaats was aan de hand der zonen van Aaron in den dienst van het huis des HEEREN, over de voorhoven, en over de kameren, en over de reiniging van alle heilige dingen, en het werk van den dienst van het huis Gods;
- 1 Kronieken 23:29ca. 1015 v.Chr.
Te weten tot het brood der toerichting, en tot de meelbloem ten spijsoffer, en tot ongezuurde vladen, en tot de pannen, en tot het gerooste, en tot alle mate en afmeting;
- 1 Kronieken 23:30ca. 1015 v.Chr.
En om alle morgens te staan, om den HEERE te loven en te prijzen; en desgelijks des avonds;
- 1 Kronieken 23:31ca. 1015 v.Chr.
En tot al het offeren der brandofferen des HEEREN, op de sabbatten, op de nieuwe maanden, en op de gezette hoogtijden in getal, naar de wijze onder hen, geduriglijk, voor het aangezicht des HEEREN;