Naar de inhoud

circa AD 30–62

The Early Church

Pentecost ignites a movement; Peter, Paul, and countless others carry the gospel from Jerusalem to the ends of the earth.

1,007 verzen · 1 boek behandeld

Verzen uit dit tijdvak

  1. Handelingen 4:27ca. 33 n.Chr.

    Want in der waarheid zijn vergaderd tegen Uw heilig Kind Jezus, Welken Gij gezalfd hebt, beiden Herodes en Pontius Pilatus, met de heidenen en de volken Israels;

  2. Handelingen 4:28ca. 33 n.Chr.

    Om te doen al wat Uw hand en Uw raad te voren bepaald had, dat geschieden zou.

  3. Handelingen 4:29ca. 33 n.Chr.

    En nu dan, Heere, zie op hun dreigingen, en geef Uw dienstknechten met alle vrijmoedigheid Uw woord te spreken;

  4. Handelingen 4:30ca. 33 n.Chr.

    Daarin, dat Gij Uw hand uitstrekt tot genezing, en dat tekenen en wonderen geschieden door den Naam van Uw heilig Kind Jezus.

  5. Handelingen 4:31ca. 33 n.Chr.

    En als zij gebeden hadden, werd de plaats, in welke zij vergaderd waren, bewogen. En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en spraken het Woord Gods met vrijmoedigheid.

  6. Handelingen 4:32ca. 33 n.Chr.

    En de menigte van degenen, die geloofden, was een hart en een ziel; en niemand zeide, dat iets van hetgeen hij had, zijn eigen ware, maar alle dingen waren hun gemeen.

  7. Handelingen 4:33ca. 33 n.Chr.

    En de apostelen gaven met grote kracht getuigenis van de opstanding van den Heere Jezus; en er was grote genade over hen allen.

  8. Handelingen 4:34ca. 33 n.Chr.

    Want er was ook niemand onder hen, die gebrek had; want zovelen als er bezitters waren van landen of huizen, die verkochten zij, en brachten den prijs der verkochte goederen, en legden dien aan de voeten der apostelen.

  9. Handelingen 4:35ca. 33 n.Chr.

    En aan een iegelijk werd uitgedeeld, naar dat elk van node had.

  10. Handelingen 4:36ca. 33 n.Chr.

    En Joses, van de apostelen toegenaamd Barnabas (hetwelk is, overgezet zijnde, een zoon der vertroosting), een Leviet, van geboorte uit Cyprus,

  11. Handelingen 4:37ca. 33 n.Chr.

    Alzo hij een akker had, verkocht dien, en bracht het geld, en legde het aan de voeten der apostelen.

  12. Handelingen 5:1ca. 33 n.Chr.

    En een zeker man, met name Ananias, met Saffira, zijn vrouw, verkocht een have;

  13. Handelingen 5:2ca. 33 n.Chr.

    En onttrok van den prijs, ook met medeweten zijner vrouw; en bracht een zeker deel, en legde dat aan de voeten der apostelen.

  14. Handelingen 5:3ca. 33 n.Chr.

    En Petrus zeide: Ananias, waarom heeft de satan uw hart vervuld, dat gij den Heiligen Geest liegen zoudt, en onttrekken van den prijs des lands?

  15. Handelingen 5:4ca. 33 n.Chr.

    Zo het gebleven ware, bleef het niet uw, en verkocht zijnde, was het niet in uw macht? Wat is het, dat gij deze daad in uw hart hebt voorgenomen? Gij hebt den mensen niet gelogen, maar Gode.

  16. Handelingen 5:5ca. 33 n.Chr.

    En Ananias, deze woorden horende, viel neder en gaf den geest. En er kwam grote vrees over allen, die dit hoorden.

  17. Handelingen 5:6ca. 33 n.Chr.

    En de jongelingen, opstaande, schikten hem toe, en droegen hem uit, en begroeven hem.

  18. Handelingen 5:7ca. 33 n.Chr.

    En het was omtrent drie uren daarna, dat ook zijn vrouw daar inkwam, niet wetende, wat er geschied was;

  19. Handelingen 5:8ca. 33 n.Chr.

    En Petrus antwoordde haar: Zeg mij, hebt gijlieden het land voor zoveel verkocht? En zij zeide: Ja, voor zoveel.

  20. Handelingen 5:9ca. 33 n.Chr.

    En Petrus zeide tot haar: Wat is het, dat gij onder u hebt overeengestemd te verzoeken den Geest des Heeren? Zie, de voeten dergenen, die uw man begraven hebben, zijn voor de deur, en zullen u uitdragen.

  21. Handelingen 5:10ca. 33 n.Chr.

    En zij viel terstond neder voor zijn voeten, en gaf den geest. En de jongelingen ingekomen zijnde, vonden haar dood en droegen ze uit, en begroeven haar bij haar man.

  22. Handelingen 5:11ca. 33 n.Chr.

    En er kwam grote vreze over de gehele Gemeente, en over allen, die dit hoorden.

  23. Handelingen 5:12ca. 33 n.Chr.

    En door de handen der apostelen geschiedden vele tekenen en wonderen onder het volk; en zij waren allen eendrachtelijk in het voorhof van Salomo.

  24. Handelingen 5:13ca. 33 n.Chr.

    En van de anderen durfde niemand zich bij hen voegen; maar het volk hield hen in grote achting.

  25. Handelingen 5:14ca. 33 n.Chr.

    En er werden meer en meer toegedaan, die den Heere geloofden, menigten beide van mannen en van vrouwen;