circa 6 BC – AD 30
The Life of Jesus
The eternal Son of God enters history: born in Bethlehem, baptized in the Jordan, crucified at Golgotha, raised on the third day.
Verzen uit dit tijdvak
- Lukas 12:11ca. 33 n.Chr.
En wanneer zij u heenbrengen zullen in de synagogen, en tot de overheden en de machten, zo zijt niet bezorgd, hoe of wat gij tot verantwoording zeggen, of wat gij spreken zult;
- Lukas 12:12ca. 33 n.Chr.
Want de Heilige Geest zal u in dezelve ure leren, hetgeen gij spreken moet.
- Lukas 12:13ca. 33 n.Chr.
En een uit de schare zeide tot Hem: Meester, zeg mijn broeder, dat hij met mij de erfenis dele.
- Lukas 12:14ca. 33 n.Chr.
Maar Hij zeide tot hem: Mens, wie heeft Mij tot een rechter of scheidsman over ulieden gesteld?
- Lukas 12:15ca. 33 n.Chr.
En Hij zeide tot hen: Ziet toe en wacht u van de gierigheid; want het is niet in den overvloed gelegen, dat iemand leeft uit zijn goederen.
- Lukas 12:16ca. 33 n.Chr.
En Hij zeide tot hen een gelijkenis, en sprak: Eens rijken mensen land had wel gedragen;
- Lukas 12:17ca. 33 n.Chr.
En hij overleide bij zichzelven, zeggende: Wat zal ik doen, want ik heb niet, waarin ik mijn vruchten zal verzamelen.
- Lukas 12:18ca. 33 n.Chr.
En hij zeide: Dit zal ik doen; ik zal mijn schuren afbreken, en grotere bouwen, en zal aldaar verzamelen al dit mijn gewas, en deze mijn goederen;
- Lukas 12:19ca. 33 n.Chr.
En ik zal tot mijn ziel zeggen: Ziel! gij hebt vele goederen, die opgelegd zijn voor vele jaren, neem rust, eet, drink, wees vrolijk.
- Lukas 12:20ca. 33 n.Chr.
Maar God zeide tot hem: Gij dwaas! in dezen nacht zal men uw ziel van u afeisen; en hetgeen gij bereid hebt, wiens zal het zijn?
- Lukas 12:21ca. 33 n.Chr.
Alzo is het met dien, die zichzelven schatten vergadert, en niet rijk is in God.
- Lukas 12:22ca. 33 n.Chr.
En Hij zeide tot Zijn discipelen: Daarom zeg Ik u: Zijt niet bezorgd voor uw leven, wat gij eten zult, noch voor het lichaam, waarmede gij u kleden zult.
- Lukas 12:23ca. 33 n.Chr.
Het leven is meer dan het voedsel, en het lichaam dan de kleding.
- Lukas 12:24ca. 33 n.Chr.
Aanmerkt de raven, dat zij niet zaaien, noch maaien, welke geen spijskamer noch schuur hebben, en God voedt dezelve; hoeveel gaat gij de vogelen te boven?
- Lukas 12:25ca. 33 n.Chr.
Wie toch van u kan, met bezorgd te zijn, een el tot zijn lengte toedoen?
- Lukas 12:26ca. 33 n.Chr.
Indien gij dan ook het minste niet kunt, wat zijt gij voor de andere dingen bezorgd?
- Lukas 12:27ca. 33 n.Chr.
Aanmerkt de lelien, hoe zij wassen; zij arbeiden niet, en spinnen niet; en Ik zeg u: ook Salomo in al zijn heerlijkheid is niet bekleed geweest als een van deze.
- Lukas 12:28ca. 33 n.Chr.
Indien nu God het gras dat heden op het veld is, en morgen in den oven geworpen wordt, alzo bekleedt, hoeveel meer u, gij kleingelovigen!
- Lukas 12:29ca. 33 n.Chr.
En gijlieden, vraagt niet, wat gij eten, of wat gij drinken zult; en weest niet wankelmoedig.
- Lukas 12:30ca. 33 n.Chr.
Want al deze dingen zoeken de volken der wereld; maar uw Vader weet, dat gij deze dingen behoeft.
- Lukas 12:31ca. 33 n.Chr.
Maar zoekt het Koninkrijk Gods, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden.
- Lukas 12:32ca. 33 n.Chr.
Vreest niet, gij klein kuddeken, want het is uws Vaders welbehagen, ulieden het Koninkrijk te geven.
- Lukas 12:33ca. 33 n.Chr.
Verkoopt hetgeen gij hebt, en geeft aalmoes. Maakt uzelven buidels, die niet verouden, een schat, die niet afneemt, in de hemelen, daar de dief niet bijkomt, noch de mot verderft.
- Lukas 12:34ca. 33 n.Chr.
Want waar uw schat is, aldaar zal ook uw hart zijn.
- Lukas 12:35ca. 33 n.Chr.
Laat uw lendenen omgord zijn, en de kaarsen brandende.