circa 6 BC – AD 30
The Life of Jesus
The eternal Son of God enters history: born in Bethlehem, baptized in the Jordan, crucified at Golgotha, raised on the third day.
Verzen uit dit tijdvak
- Johannes 6:63ca. 32 n.Chr.
De Geest is het, Die levend maakt; het vlees is niet nut. De woorden, die Ik tot u spreek, zijn geest en zijn leven.
- Johannes 6:64ca. 32 n.Chr.
Maar er zijn sommigen van ulieden, die niet geloven. Want Jezus wist van den beginne, wie zij waren, die niet geloofden, en wie hij was, die Hem verraden zou.
- Johannes 6:65ca. 32 n.Chr.
En Hij zeide: Daarom heb Ik u gezegd, dat niemand tot Mij komen kan, tenzij dat het hem gegeven zij van Mijn Vader.
- Johannes 6:66ca. 32 n.Chr.
Van toen af gingen velen Zijner discipelen terug, en wandelden niet meer met Hem.
- Johannes 6:67ca. 32 n.Chr.
Jezus dan zeide tot de twaalven: Wilt gijlieden ook niet weggaan?
- Johannes 6:68ca. 32 n.Chr.
Simon Petrus dan antwoordde Hem: Heere, tot Wien zullen wij heengaan? Gij hebt de woorden des eeuwigen levens.
- Johannes 6:69ca. 32 n.Chr.
En wij hebben geloofd en bekend, dat Gij zijt de Christus, de Zoon des levenden Gods.
- Johannes 6:70ca. 32 n.Chr.
Jezus antwoordde hun: Heb Ik niet u twaalf uitverkoren? En een uit u is een duivel.
- Johannes 6:71ca. 32 n.Chr.
En Hij zeide dit van Judas, Simons zoon, Iskariot; want deze zou Hem verraden, zijnde een van de twaalven.
- Johannes 7:1ca. 33 n.Chr.
En na dezen wandelde Jezus in Galilea; want Hij wilde in Judea niet wandelen, omdat de Joden Hem zochten te doden.
- Johannes 7:2ca. 33 n.Chr.
En het feest der Joden, namelijk de loof huttenzetting, was nabij.
- Johannes 7:3ca. 33 n.Chr.
Zo zeiden dan Zijn broeders tot Hem: Vertrek van hier, en ga heen in Judea, opdat ook Uw discipelen Uw werken mogen aanschouwen, die Gij doet.
- Johannes 7:4ca. 33 n.Chr.
Want niemand doet iets in het verborgen, en zoekt zelf, dat men openlijk van hem spreke. Indien Gij deze dingen doet, zo openbaar Uzelven aan de wereld.
- Johannes 7:5ca. 33 n.Chr.
Want ook Zijn broeders geloofden niet in Hem.
- Johannes 7:6ca. 33 n.Chr.
Jezus dan zeide tot hen: Mijn tijd is nog niet hier, maar uw tijd is altijd bereid.
- Johannes 7:7ca. 33 n.Chr.
De wereld kan ulieden niet haten, maar Mij haat zij, omdat Ik van dezelve getuig, dat haar werken boos zijn.
- Johannes 7:8ca. 33 n.Chr.
Gaat gijlieden op tot dit feest; Ik ga nog niet op tot dit feest; want Mijn tijd is nog niet vervuld.
- Johannes 7:9ca. 33 n.Chr.
En als Hij deze dingen tot hen gezegd had, bleef Hij in Galilea.
- Johannes 7:10ca. 33 n.Chr.
Maar als Zijn broeders opgegaan waren, toen ging Hij ook Zelf op tot het feest, niet openlijk, maar als in het verborgen.
- Johannes 7:11ca. 33 n.Chr.
De Joden dan zochten Hem in het feest, en zeiden: Waar is Hij?
- Johannes 7:12ca. 33 n.Chr.
En er was veel gemurmels van Hem onder de scharen. Sommigen zeiden: Hij is goed; en anderen zeiden: Neen, maar Hij verleidt de schare.
- Johannes 7:13ca. 33 n.Chr.
Nochtans sprak niemand vrijmoediglijk van Hem, om de vrees der Joden.
- Johannes 7:14ca. 33 n.Chr.
Doch als het nu in het midden van het feest was, zo ging Jezus op in den tempel, en leerde.
- Johannes 7:15ca. 33 n.Chr.
En de Joden verwonderden zich, zeggende: Hoe weet Deze de Schriften, daar Hij ze niet geleerd heeft?
- Johannes 7:16ca. 33 n.Chr.
Jezus antwoordde hun, en zeide: Mijn leer is Mijne niet, maar Desgenen, Die Mij gezonden heeft.