Skip to content

Bijbelverzen over The Prophet Christ

37 verzen · 13 aspecten

Belangrijke bijbelverzen

  1. Opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken is door Jesaja, den profeet, zeggende:

  2. Ziet, Mijn Knecht, Welken Ik verkoren heb, Mijn Beminde, in Welken Mijn ziel een welbehagen heeft; Ik zal Mijn Geest op Hem leggen, en Hij zal het oordeel den heidenen verkondigen.

  3. Hij zal niet twisten, noch roepen, noch zal er iemand Zijn stem op de straten horen.

  4. Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en het rokende lemmet zal Hij niet uitblussen, totdat Hij het oordeel zal uitbrengen tot overwinning.

  5. En als Hij op den Olijfberg gezeten was, gingen de discipelen tot Hem alleen, zeggende: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen zijn, en welk zal het teken zijn van Uw toekomst, en van de voleinding der wereld?

  6. En Jezus, antwoordende, zeide tot hen: Ziet toe, dat u niemand verleide.

  7. Want velen zullen komen onder Mijn Naam, zeggende: Ik ben de Christus; en zij zullen velen verleiden.

  8. En gij zult horen van oorlogen, en geruchten van oorlogen; ziet toe, wordt niet verschrikt; want al die dingen moeten geschieden, maar nog is het einde niet.

  9. Want het ene volk zal tegen het andere volk opstaan, en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk; en er zullen zijn hongersnoden, en pestilentien, en aardbevingen in verscheidene plaatsen.

  10. Doch al die dingen zijn maar een beginsel der smarten.

  11. Alsdan zullen zij u overleveren in verdrukking, en zullen u doden, en gij zult gehaat worden van alle volken, om Mijns Naams wil.

  12. En dan zullen er velen geergerd worden, en zullen elkander overleveren, en elkander haten.

  13. En vele valse profeten zullen opstaan, en zullen er velen verleiden.

  14. En omdat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden, zo zal de liefde van velen verkouden.

  15. Maar wie volharden zal tot het einde, die zal zalig worden.

  16. En dit Evangelie des Koninkrijks zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis allen volken; en dan zal het einde komen.

  17. Wanneer gij dan zult zien den gruwel der verwoesting, waarvan gesproken is door Daniel, de profeet, staande in de heilige plaats; (die het leest, die merke daarop!)

  18. Dat alsdan, die in Judea zijn, vlieden op de bergen;

  19. Die op het dak is, kome niet af, om iets uit zijn huis weg te nemen;

  20. En die op den akker is, kere niet weder terug, om zijn klederen weg te nemen.

  21. Maar wee de bevruchten, en den zogenden vrouwen in die dagen!

  22. Doch bidt, dat uw vlucht niet geschiede des winters, noch op een sabbat.

  23. Want alsdan zal grote verdrukking wezen, hoedanige niet is geweest van het begin der wereld tot nu toe, en ook niet zijn zal.

  24. En zo die dagen niet verkort werden, geen vlees zou behouden worden; maar om der uitverkorenen wil zullen die dagen verkort worden.

  25. Alsdan, zo iemand tot ulieden zal zeggen: Ziet, hier is de Christus, of daar, gelooft het niet.