Skip to content

Bijbelverzen over Seekers

165 verzen · 1 aspect

Belangrijke bijbelverzen

Filter op boek
  1. En het zal den HEERE aangenamer zijn dan een os, of een gehoornde var, die de klauwen verdeelt.

  2. Laat hen terugkeren tot loon hunner beschaming, die daar zeggen: Ha, ha!

  3. Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers Uws heils geduriglijk zeggen: God zij groot gemaakt! [ (Psalms 70:6) Doch ik ben ellendig en nooddruftig; o God, haast U tot mij; Gij zijt mijn Hulp en mijn Bevrijder; HEERE, vertoef niet! ]

  4. Een psalm van Asaf, voor den opperzangmeester, over Jeduthun.

  5. Mijn stem is tot God, en ik roep; mijn stem is tot God, en Hij zal het oor tot mij neigen.

  6. Ten dage mijner benauwdheid zocht ik den HEERE; mijn hand was des nachts uitgestrekt, en liet niet af; mijn ziel weigerde getroost te worden.

  7. Dacht ik aan God, zo maakte ik misbaar; peinsde ik, zo werd mijn ziel overstelpt. Sela.

  8. Gij hieldt mijn ogen wakende; ik was verslagen, en sprak niet.

  9. Ik overdacht de dagen van ouds, de jaren der eeuwen.

  10. Ik dacht aan mijn snarenspel; in den nacht overlegde ik in mijn hart, en mijn geest onderzocht:

  11. Zal dan de Heere in eeuwigheden verstoten, en voortaan niet meer goedgunstig zijn?

  12. Houdt Zijn goedertierenheid in eeuwigheid op? Heeft de toezegging een einde, van geslacht tot geslacht?

  13. Als Hij hen doodde, zo vraagden zij naar Hem, en keerden weder, en zochten God vroeg;

  14. Er zal onder u geen uitlands god wezen, en gij zult u voor geen vreemden god nederbuigen.

  15. Vervolg hen alzo met Uw onweder, en verschrik hen met Uw draaiwind.

  16. Hoe liefelijk zijn Uw woningen, o HEERE der heirscharen!

  17. Vraagt naar den HEERE en Zijn sterkte; zoekt Zijn aangezicht geduriglijk.

  18. Welgelukzalig zijn zij, die Zijn getuigenissen onderhouden, die Hem van ganser harte zoeken;

  19. Ik zoek U met mijn gehele hart, laat mij van Uw geboden niet afdwalen.

  20. Ik verwacht den HEERE; mijn ziel verwacht, en ik hoop op Zijn Woord.

  21. Mijn ziel wacht op den HEERE, meer dan de wachters op den morgen; de wachters op den morgen.

  22. Ik breid mijn handen uit tot U; mijn ziel is voor U als een dorstig land. Sela.

  23. Koph. De HEERE is nabij allen, die Hem aanroepen, allen, die Hem aanroepen in der waarheid.

  24. Resch. Hij doet het welbehagen dergenen, die Hem vrezen, en Hij hoort hun geroep, en verlost hen.

  25. Ja, zo gij tot het verstand roept, uw stem verheft tot de verstandigheid;