Naar de inhoud

circa AD 48–96

Letters to the Churches

Paul and other apostles write to strengthen, correct, and encourage the scattered churches across the Roman world.

2,767 verzen · 21 boeken behandeld

Verzen uit dit tijdvak

Filter op boek
  1. 2 Timotheüs 2:4ca. 66 n.Chr.

    Niemand, die in de krijg dient, wordt ingewikkeld in de handelingen des leeftochts, opdat hij dien moge behagen, die hem tot den krijg aangenomen heeft.

  2. 2 Timotheüs 2:5ca. 66 n.Chr.

    En indien ook iemand strijdt, die wordt niet gekroond, zo hij niet wettelijk heeft gestreden.

  3. 2 Timotheüs 2:6ca. 66 n.Chr.

    De landman, als hij arbeidt, moet alzo eerst de vruchten genieten.

  4. 2 Timotheüs 2:7ca. 66 n.Chr.

    Merk, hetgeen ik zeg; doch de Heere geve u verstand in alle dingen.

  5. 2 Timotheüs 2:8ca. 66 n.Chr.

    Houd in gedachtenis, dat Jezus Christus uit de doden is opgewekt, Welke is uit den zade Davids, naar mijn Evangelie;

  6. 2 Timotheüs 2:9ca. 66 n.Chr.

    Om hetwelk ik verdrukkingen lijde tot de banden toe, als een kwaaddoener; maar het Woord Gods is niet gebonden.

  7. 2 Timotheüs 2:10ca. 66 n.Chr.

    Daarom verdraag ik alles om de uitverkorenen, opdat ook zij de zaligheid zouden verkrijgen, die in Christus Jezus is, met eeuwige heerlijkheid.

  8. 2 Timotheüs 2:11ca. 66 n.Chr.

    Dit is een getrouw woord; want indien wij met Hem gestorven zijn, zo zullen wij ook met Hem leven;

  9. 2 Timotheüs 2:12ca. 66 n.Chr.

    Indien wij verdragen, wij zullen ook met Hem heersen; indien wij Hem verloochenen, Hij zal ons ook verloochenen;

  10. 2 Timotheüs 2:13ca. 66 n.Chr.

    Indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw; Hij kan Zichzelven niet verloochenen.

  11. 2 Timotheüs 2:14ca. 66 n.Chr.

    Breng deze dingen in gedachtenis, en betuig voor den Heere, dat zij geen woordenstrijd voeren, hetwelk tot geen ding nut is, dan tot verkering der toehoorders.

  12. 2 Timotheüs 2:15ca. 66 n.Chr.

    Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt.

  13. 2 Timotheüs 2:16ca. 66 n.Chr.

    Maar stel u tegen het ongoddelijk ijdelroepen; want zij zullen in meerdere goddeloosheid toenemen.

  14. 2 Timotheüs 2:17ca. 66 n.Chr.

    En hun woord zal voorteten, gelijk de kanker; onder welke is Hymeneus en Filetus;

  15. 2 Timotheüs 2:18ca. 66 n.Chr.

    Die van de waarheid zijn afgeweken, zeggende, dat de opstanding alrede geschied is, en verkeren sommiger geloof.

  16. 2 Timotheüs 2:19ca. 66 n.Chr.

    Evenwel het vaste fondament Gods staat, hebbende dit zegel: De Heere kent degenen, die de Zijnen zijn; en: Een iegelijk, die den Naam van Christus noemt, sta af van ongerechtigheid.

  17. 2 Timotheüs 2:20ca. 66 n.Chr.

    Doch in een groot huis zijn niet alleen gouden en zilveren vaten, maar ook houten en aarden vaten; en sommige ter ere, maar sommige ter onere.

  18. 2 Timotheüs 2:21ca. 66 n.Chr.

    Indien dan iemand zichzelven van deze reinigt, die zal een vat zijn ter ere, geheiligd en bekwaam tot gebruik des Heeren, tot alle goed werk toebereid.

  19. 2 Timotheüs 2:22ca. 66 n.Chr.

    Maar vlied de begeerlijkheden der jonkheid; en jaag naar rechtvaardigheid, geloof, liefde, vrede, met degenen, die den Heere aanroepen uit een rein hart.

  20. 2 Timotheüs 2:23ca. 66 n.Chr.

    En verwerp de vragen, die dwaas en zonder lering zijn, wetende, dat zij twistingen voortbrengen.

  21. 2 Timotheüs 2:24ca. 66 n.Chr.

    En een dienstknecht des Heeren moet niet twisten, maar vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te leren, en die de kwaden kan verdragen;

  22. 2 Timotheüs 2:25ca. 66 n.Chr.

    Met zachtmoedigheid onderwijzende degenen, die tegenstaan; of hun God te eniger tijd bekering gave tot erkentenis der waarheid;

  23. 2 Timotheüs 2:26ca. 66 n.Chr.

    En zij wederom ontwaken mochten uit den strik des duivels, onder welken zij gevangen waren tot zijn wil.

  24. 2 Timotheüs 3:1ca. 66 n.Chr.

    En weet dit, dat in de laatste dagen ontstaan zullen zware tijden.

  25. 2 Timotheüs 3:2ca. 66 n.Chr.

    Want de mensen zullen zijn liefhebbers van zichzelven, geldgierig, laatdunkend, hovaardig, lasteraars, den ouderen ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig.