Skip to content

Bijbelverzen over Praise

490 verzen · 106 aspecten

Belangrijke bijbelverzen

Filter op boek
  1. Thau. Mijn mond zal den prijs des HEEREN uitspreken, en alle vlees zal Zijn heiligen Naam loven in der eeuwigheid en altoos.

  2. Hallelujah! O mijn ziel! prijs den HEERE.

  3. Ik zal den HEERE prijzen in mijn leven; ik zal mijn God psalmzingen, terwijl ik nog ben.

  4. Vertrouwt niet op prinsen, op des mensen kind, bij hetwelk geen heil is.

  5. Zijn geest gaat uit, hij keert wederom tot zijn aarde; te dienzelfden dage vergaan zijn aanslagen.

  6. Welgelukzalig is hij, die den God Jakobs tot zijn Hulp heeft, wiens verwachting op den HEERE, zijn God is;

  7. Die den hemel en de aarde gemaakt heeft, de zee en al wat in dezelve is; Die trouwe houdt in der eeuwigheid.

  8. Die den verdrukte recht doet, Die den hongerige brood geeft; de HEERE maakt de gevangenen los.

  9. De HEERE opent de ogen der blinden; de HEERE richt de gebogenen op; de HEERE heeft de rechtvaardigen lief.

  10. De HEERE bewaart de vreemdelingen; Hij houdt den wees en de weduwe staande; maar der goddelozen weg keert Hij om.

  11. De HEERE zal in eeuwigheid regeren; uw God, o Sion! is van geslacht tot geslacht. Hallelujah!

  12. Looft den HEERE, want onzen God te psalmzingen is goed, dewijl Hij liefelijk is; de lof is betamelijk.

  13. De HEERE bouwt Jeruzalem; Hij vergadert Israels verdrevenen.

  14. Hij geneest de gebrokenen van hart, en Hij verbindt hen in hun smarten.

  15. Hij telt het getal der sterren; Hij noemt ze allen bij namen.

  16. Onze Heere is groot en van veel kracht; Zijns verstands is geen getal.

  17. De HEERE houdt de zachtmoedigen staande; de goddelozen vernedert Hij, tot de aarde toe.

  18. Zingt den HEERE bij beurte met dankzegging; psalmzingt onzen God op de harp.

  19. Die de hemelen met wolken bedekt, Die voor de aarde regen bereidt; Die het gras op de bergen doet uitspruiten;

  20. Die het vee zijn voeder geeft; aan de jonge raven, als zij roepen.

  21. Hij heeft geen lust aan de sterkte des paards; Hij heeft geen welgevallen aan de benen des mans.

  22. De HEERE heeft een welgevallen aan hen, die Hem vrezen, die op Zijn goedertierenheid hopen.

  23. O Jeruzalem! roem den HEERE; o Sion! loof uw God.

  24. Want Hij maakt de grendelen uwer poorten sterk; Hij zegent uw kinderen binnen in u.

  25. Die uw landpalen in vrede stelt; Hij verzadigt u met het vette der tarwe.