Naar de inhoud

Bijbelverzen over Red Sea: Israelites camp by

10 verzen · 6 aspecten

Verzen over Israelites camp by

  1. Spreek tot de kinderen Israels, dat zij wederkeren, en zich legeren voor Pi-Hachiroth, tussen Migdol en tussen de zee, voor Baal-Zefon; daar tegenover zult gij u legeren aan de zee.

  2. En de Egyptenaars jaagden hen na, en achterhaalden hen, daar zij zich gelegerd hadden aan de zee; al de paarden, de wagens van Farao en zijn ruiters, en zijn heir; nevens Pi-Hachiroth, voor Baal-Zefon.

  3. De Amalekieten nu en de Kanaanieten wonen in het dal; wendt u morgen, en maakt uw reize naar de woestijn, op den weg naar de Schelfzee.

  4. Toen reisden zij van den berg Hor, op den weg der Schelfzee, dat zij om het land der Edomieten heentogen; doch de ziel des volks werd verdrietig op dezen weg.

  5. En zij verreisden van Elim, en legerden zich aan de Schelfzee.

  6. En zij verreisden van de Schelfzee, en legerden zich in de woestijn Sin.

  7. Gij daarentegen, keert u, en reist naar de woestijn, den weg van de Schelfzee.

  8. Daarna keerden wij ons, en reisden naar de woestijn, den weg van de Schelfzee, gelijk de HEERE tot mij gesproken had, en wij togen om het gebergte Seir, vele dagen.

  9. Toen sprak de HEERE tot mij, zeggende:

  10. Gijlieden hebt dit gebergte genoeg omgetogen; keert u naar het noorden;