Skip to content
Jozua 19:41-47

Jozua 19:41-47

41
En de landpale van hun erfdeel was: Zora, en Esthaol, en Ir-Semes,
42
En Saalabbin, en Ajalon, en Jithla,
43
En Elon, en Timnatha, en Ekron,
44
En Elteke, en Gibbethon, en Baalath,
45
En Jehud, en Bene-Berak, en Gath-Rimmon,
46
En Me-Jarkon, en Rakkon, met de landpale tegenover Jafo.
47
Doch de landpale der kinderen van Dan was hun klein uitgekomen; daarom togen de kinderen van Dan op, en krijgden tegen Lesem, en namen haar in, en sloegen haar met de scherpte des zwaards, en erfden haar, en woonden daarin; en zij noemden Lesem, Dan, naar den naam van hun vader Dan.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options