Bijbelverzen over Aaron: Descendants of
Verzen over Descendants of
En de zonen van Korah waren: Assir, en Elkana, en Abiasaf; dat zijn de huisgezinnen der Korachieten.
Dit is Aaron en Mozes, tot welke de HEERE zeide: Leidt de kinderen Israels uit Egypteland, naar hun heiren.
En de kinderen van Amram waren Aaron, en Mozes en Mirjam; en de kinderen van Aaron waren Nadab en Abihu, Eleazar en Ithamar.
En Eleazar gewon Pinehas, Pinehas gewon Abisua;
En Abisua gewon Bukki, en Bukki gewon Uzzi;
En Uzzi gewon Zerahja, en Zerahja gewon Merajoth;
En Merajoth gewon Amarja, en Amarja gewon Ahitub;
En Ahitub gewon Zadok, en Zadok gewon Ahimaaz;
En Ahimaaz gewon Azarja, en Azarja gewon Johanan;
En Johanan gewon Azarja. Hij is het, die het priesterambt bediende in het huis, dat Salomo te Jeruzalem gebouwd had.
En Azarja gewon Amarja, en Amarja gewon Ahitub;
En Ahitub gewon Zadok, en Zadok gewon Sallum;
En Sallum gewon Hilkia, en Hilkia gewon Azarja;
En Azarja gewon Seraja, en Seraja gewon Jozadak;
En Jozadak ging mede, als de HEERE Juda en Jeruzalem gevankelijk wegvoerde door de hand van Nebukadnezar.
Dit nu zijn de kinderen van Aaron: Eleazar, was zijn zoon; Pinehas zijn zoon; Abisua zijn zoon;
Bukki zijn zoon; Uzzi zijn zoon; Serahja zijn zoon;
Merajoth zijn zoon; Amarja zijn zoon; Ahitub zijn zoon;
Zadok zijn zoon; Ahimaaz zijn zoon.