Skip to content
Jeremia 49:25-28

Jeremia 49:25-28

25
Hoe is de beroemde stad niet gelaten, de stad Mijner vrolijkheid!
26
Daarom zullen haar jongelingen vallen op haar straten; en al haar krijgslieden zullen te dien dage nedergehouwen worden, spreekt de HEERE der heirscharen.
27
En Ik zal een vuur aansteken in den muur van Damaskus, en het zal Benhadads paleizen verteren.
28
Tegen Kedar, en tegen de koninkrijken van Hazor, die Nebukadrezar, de koning van Babel, sloeg, zegt de HEERE alzo: Maakt u op, trekt op tegen Kedar, en verstoort de kinderen van het oosten.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein