Skip to content
Psalmen 8:4-7

Psalmen 8:4-7

4
Als ik Uw hemel aanzie, het werk Uwer vingeren, de maan en de sterren, die Gij bereid hebt;
5
Wat is de mens, dat Gij zijner gedenkt, en de zoon des mensen, dat Gij hem bezoekt?
6
En hebt hem een weinig minder gemaakt dan de engelen, en hebt hem met eer en heerlijkheid gekroond?
7
Gij doet hem heersen over de werken Uwer handen; Gij hebt alles onder zijn voeten gezet;

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein