Lof aan de Koning van het heelal
33
Gij koninkrijken der aarde, zingt Gode; psalmzingt den Heere! Sela.
34
Dien, Die daar rijdt in den hemel der hemelen, Die van ouds is; ziet, Hij geeft Zijn stem, een stem der sterkte.
35
Geeft Gode sterkte! Zijn hoogheid is over Israel, en Zijn sterkte in de bovenste wolken.
36
O God! Gij zijt vreselijk uit Uw heiligdommen; de God Israels, Die geeft den volke sterkte en krachten. Geloofd zij God!
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein