Psalmen 6:3-7
3
Wees mij genadig, HEERE, want ik ben verzwakt; genees mij, HEERE, want mijn beenderen zijn verschrikt.
4
Ja, mijn ziel is zeer verschrikt; en Gij, HEERE, hoe lange?
5
Keer weder, HEERE, red mijn ziel; verlos mij, om Uwer goedertierenheid wil.
6
Want in de dood is Uwer geen gedachtenis; wie zal U loven in het graf?
7
Ik ben moede van mijn zuchten; ik doe mijn bed den gansen nacht zwemmen; ik doornat mijn bedstede met mijn tranen.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein