Skip to content
Psalmen 57:2-7

Psalmen 57:2-7

2
Wees mij genadig, o God! Wees mij genadig, want mijn ziel betrouwt op U, en ik neem mijn toevlucht onder de schaduw Uwer vleugelen, totdat de verdervingen zullen voorbij zijn gegaan.
3
Ik zal roepen tot God, den Allerhoogste, tot God, Die het aan mij voleinden zal.
4
Hij zal van den hemel zenden, en mij verlossen, te schande makende dengene, die mij zoekt op te slokken. Sela. God zal Zijn goedertierenheid en Zijn waarheid zenden.
5
Mijn ziel is in het midden der leeuwen, ik lig onder stokebranden, mensenkinderen, welker tanden spiesen en pijlen zijn, en hun tong een scherp zwaard.
6
Verhef U boven de hemelen, o God! Uw eer zij over de ganse aarde.
7
Zij hebben een net bereid voor mijn gangen, mijn ziel was nedergebukt; zij hebben een kuil voor mijn aangezicht gegraven; zij zijn er midden in gevallen. Sela.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein