Psalmen 31:12-13
12
Vanwege al mijn wederpartijders ben ik, ook mijn naburen, grotelijks tot een smaad geworden, en mijn bekenden tot een schrik; die mij op de straten zien, vlieden van mij weg.
13
Ik ben uit het hart vergeten als een dode; ik ben geworden als een bedorven vat.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein