Hernieuwd vertrouwen en bijzondere beden
15
Maar ik vertrouw op U, o HEERE! Ik zeg: Gij zijt mijn God.
16
Mijn tijden zijn in Uw hand; red mij van de hand mijner vijanden, en van mijn vervolgers.
17
Laat Uw aangezicht over Uw knecht lichten; verlos mij door Uw goedertierenheid.
18
HEERE! laat mij niet beschaamd worden, want ik roep U aan; laat de goddelozen beschaamd worden, laat hen zwijgen in het graf.
19
Laat de valse lippen stom worden, die hard spreken tegen den rechtvaardige, in hoogmoed en verachting.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein