Naar de inhoud
Spreuken 6:1-2

Spreuken 6:1-2

1
Mijn zoon! zo gij voor uw naaste borg geworden zijt, voor een vreemde uw hand toegeklapt hebt;
2
Gij zijt verstrikt met de redenen uws monds; gij zijt gevangen met de redenen uws monds.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 45 chars

Options