Skip to content
Mattheüs 25:26-28

Mattheüs 25:26-28

26
Maar zijn heer, antwoordende, zeide tot hem: Gij boze en luie dienstknecht! gij wist, dat ik maai, waar ik niet gezaaid heb, en van daar vergader, waar ik niet gestrooid heb.
27
Zo moest gij dan mijn geld den wisselaren gedaan hebben, en ik, komende, zou het mijne wedergenomen hebben met woeker.
28
Neemt dan van hem het talent weg, en geeft het dengene, die de tien talenten heeft.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein