Johannes 12:40-42
40
Hij heeft hun ogen verblind, en hun hart verhard; opdat zij met de ogen niet zien, en met het hart niet verstaan, en zij bekeerd worden, en Ik hen geneze.
41
Dit zeide Jesaja, toen hij Zijn heerlijkheid zag, en van Hem sprak.
42
Nochtans geloofden ook zelfs velen uit de oversten in Hem; maar om der Farizeen wil beleden zij het niet; opdat zij uit de synagoge niet zouden geworpen worden.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein