Skip to content
Job 32:4-9

Job 32:4-9

4
Doch Elihu had gewacht op Job in het spreken, omdat zij ouder van dagen waren dan hij.
5
Als dan Elihu zag, dat er geen antwoord was in den mond van die drie mannen, ontstak zijn toorn.
6
Hierom antwoordde Elihu, de zoon van Baracheel, den Buziet, en zeide: Ik ben minder van dagen, maar gijlieden zijt stokouden; daarom heb ik geschroomd en gevreesd, ulieden mijn gevoelen te vertonen.
7
Ik zeide: Laat de dagen spreken, en de veelheid der jaren wijsheid te kennen geven.
8
Zekerlijk de geest, die in den mens is, en de inblazing des Almachtigen, maakt henlieden verstandig.
9
De groten zijn niet wijs, en de ouden verstaan het recht niet.
Settings

Reading style

Typeface

Font size 19px

Reading width 75 chars

Options