Skip to content

Bijbelverzen over The Ostrich

9 verzen · 9 aspecten

Belangrijke bijbelverzen

  1. En van het gevogelte zult gij deze verfoeien, zij zullen niet gegeten worden, zij zullen een verfoeisel zijn: de arend, en de havik, en de zeearend,

  2. Ik ben den draken een broeder geworden, en een metgezel der jonge struisen.

  3. Zult gij den eenhoorn met zijn touw aan de voren binden? Zal hij de laagten achter u eggen?

  4. Zult gij op hem vertrouwen, omdat zijn kracht groot is, en zult gij uw arbeid op hem laten?

  5. Zult gij hem geloven, dat hij uw zaad zal wederbrengen, en vergaderen tot uw dorsvloer?

  6. Zijn an u de verheugelijke vleugelen der pauwen? Of de vederen des ooievaars, en des struisvogels?

  7. Dat zij haar eieren in de aarde laat, en in het stof die verwarmt.

  8. En vergeet, dat de voet die drukken kan, en de dieren des velds die vertrappen kunnen?

  9. Gimel. Zelfs laten de zeekalveren de borsten neder, zij zogen hun welpen; maar de dochter mijns volks is als een wrede geworden, gelijk de struisen in de woestijn.