- English
- King James KJV
- Complete Jewish CJB
- World English WEBM
- Berean Standard BSB
- American Standard ASV
- Geneva GNV
- Young's Literal YLT
- Douay-Rheims DRC
- International
- Shqip ALB
- العربية SVD
- বাংলা BN-IRV
- မြန်မာ Judson
- 简体文 CUV-S
- 繁體中文 CUV-T
- Čeština BKR
- Nederlands STVE
- Français LSG
- Deutsch SCH
- Ελληνικά Vamvas
- ગુજરાતી GU-IRV
- Hausa HCB
- עברית Hebrew
- हिन्दी HCV
- Magyar KAROLI
- Bahasa Indonesia INDO-TB
- Italiano Diodati
- 日本語 Kougo
- 한국어 Korean
- മലയാളം MAL
- मराठी MRCV
- Norsk DNB
- فارسی OPV
- Polski BG
- Português Almeida
- Română Cornilescu
- Русский Synodal
- Español RVG
- Kiswahili Neno
- Svenska SV1917
- Tagalog TAG-ADB
- தமிழ் TCV
- తెలుగు TSA
- ภาษาไทย THAI-KJV
- Українська Ohienko
- Tiếng Việt CADMAN
- Yorùbá YCB
Psalmen147
Listen to this chapter
0:00
0:00
Oproep om de barmhartige God te loven
1
Looft den HEERE, want onzen God te psalmzingen is goed, dewijl Hij liefelijk is; de lof is betamelijk.
2
De HEERE bouwt Jeruzalem; Hij vergadert Israels verdrevenen.
3
Hij geneest de gebrokenen van hart, en Hij verbindt hen in hun smarten.
4
Hij telt het getal der sterren; Hij noemt ze allen bij namen.
5
Onze Heere is groot en van veel kracht; Zijns verstands is geen getal.
6
De HEERE houdt de zachtmoedigen staande; de goddelozen vernedert Hij, tot de aarde toe.
Lof voor Gods voorzienigheid in de natuur
7
Zingt den HEERE bij beurte met dankzegging; psalmzingt onzen God op de harp.
8
Die de hemelen met wolken bedekt, Die voor de aarde regen bereidt; Die het gras op de bergen doet uitspruiten;
9
Die het vee zijn voeder geeft; aan de jonge raven, als zij roepen.
10
Hij heeft geen lust aan de sterkte des paards; Hij heeft geen welgevallen aan de benen des mans.
11
De HEERE heeft een welgevallen aan hen, die Hem vrezen, die op Zijn goedertierenheid hopen.
Sion looft God om veiligheid en wet
12
O Jeruzalem! roem den HEERE; o Sion! loof uw God.
13
Want Hij maakt de grendelen uwer poorten sterk; Hij zegent uw kinderen binnen in u.
14
Die uw landpalen in vrede stelt; Hij verzadigt u met het vette der tarwe.
15
Hij zendt Zijn bevel op aarde; Zijn woord loopt zeer snel.
16
Hij geeft sneeuw als wol; Hij strooit den rijm als as.
17
Hij werpt Zijn ijs heen als stukken; wie zou bestaan voor Zijn koude?
18
Hij zendt Zijn woord, en doet ze smelten; Hij doet Zijn wind waaien, de wateren vloeien henen.
19
Hij maakt Jakob Zijn woorden bekend, Israel Zijn inzettingen en Zijn rechten.
20
Alzo heeft Hij geen volk gedaan; en Zijn rechten, die kennen zij niet. Hallelujah!
Use ← → arrow keys to navigate
Settings
Reading Style
Typeface
Font Size px
Reading Width chars
Options
Study Note