Psalmen 56:2-11
2
Wees mij genadig, o God! want de mens zoekt mij op te slokken; den gansen dag dringt mij de bestrijder.
3
Mijn verspieders zoeken mij den gansen dag op te slokken; want ik heb veel bestrijders, o Allerhoogste!
4
Ten dage, als ik zal vrezen, zal ik op U vertrouwen.
5
In God zal ik Zijn woord prijzen; ik vertrouw op God, ik zal niet vrezen; wat zoude mij vlees doen?
6
Den gansen dag verdraaien zij mijn woorden; al hun gedachten zijn tegen mij ten kwade.
7
Zij rotten samen, zij versteken zich, zij passen op mijn hielen; als die op mijn ziel wachten.
8
Zouden zij om hun ongerechtigheid vrijgaan? Stort de volken neder in toorn, o God!
9
Gij hebt mijn omzwerven geteld; leg mijn tranen in uw fles; zijn zij niet in Uw register?
10
Dan zullen mijn vijanden achterwaarts keren, ten dage als ik roepen zal; dit weet ik, dat God met mij is.
11
In God zal ik het woord prijzen; in den HEERE zal ik het woord prijzen.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein