Spreuken 31:1-3
1
De woorden van de koning Lemuel; de last, maarmede zijn moeder hem onderwees.
2
Wat, o mijn zoon, en wat, o zoon mijns buiks? ja, wat, o zoon mijner geloften?
3
Geeft aan de vrouwen uw vermogen niet, noch uw wegen, om koningen te verdelgen.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein
Settings