Skip to content
Spreuken 26:4-5

Spreuken 26:4-5

4
Antwoord den zot naar zijn dwaasheid niet, opdat gij ook hem niet gelijk wordt.
5
Antwoord den zot naar zijn dwaasheid, opdat hij in zijn ogen niet wijs zij.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein