Skip to content
Mattheüs 22:31-32

Mattheüs 22:31-32

31
En wat aangaat de opstanding der doden, hebt gij niet gelezen, hetgeen van God tot ulieden gesproken is, Die daar zegt:
32
Ik ben de God Abrahams, en de God Izaks, en de God Jakobs! God is niet een God der doden, maar der levenden.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein