Skip to content
Markus 3:33-35

Markus 3:33-35

33
En Hij antwoordde hun, zeggende: Wie is Mijn moeder, of Mijn broeders?
34
En rondom overzien hebbende, die om Hem zaten, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders.
35
Want zo wie den wil van God doet, die is Mijn broeder, en Mijn zuster, en moeder.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Options