Skip to content
Lukas 4:7-13

Lukas 4:7-13

7
Indien Gij dan mij zult aanbidden, zo zal het alles Uw zijn.
8
En Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Ga weg van Mij, satan, want er is geschreven: Gij zult den Heere, uw God, aanbidden, en Hem alleen dienen.
9
En hij leidde Hem naar Jeruzalem, en stelde Hem op de tinne des tempels, en zeide tot Hem: Indien Gij de Zoon Gods zijt, werp Uzelven van hier nederwaarts;
10
Want er is geschreven, dat Hij Zijn engelen van U bevelen zal, dat zij U bewaren zullen;
11
En dat zij U op de handen nemen zullen, opdat Gij Uw voet niet te eniger tijd aan een steen stoot.
12
En Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Er is gezegd: Gij zult den Heere, uw God, niet verzoeken.
13
En als de duivel alle verzoeking voleindigd had, week hij van Hem voor een tijd.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein