Skip to content
Job 39:16-21

Job 39:16-21

16
Zijn an u de verheugelijke vleugelen der pauwen? Of de vederen des ooievaars, en des struisvogels?
17
Dat zij haar eieren in de aarde laat, en in het stof die verwarmt.
18
En vergeet, dat de voet die drukken kan, en de dieren des velds die vertrappen kunnen?
19
Zij verhardt zich tegen haar jongen, alsof zij de hare niet waren; haar arbeid is te vergeefs, omdat zij zonder vreze is.
20
Want God heeft haar van wijsheid ontbloot, en heeft haar des verstands niet medegedeeld.
21
Als het tijd is, verheft zij zich in de hoogte; zij belacht het paard en zijn rijder.
Settings

Reading style

Typeface

Font size 19px

Reading width 75 chars

Options