Skip to content
Job 32:1-2

Job 32:1-2

1
Toen hielden de drie mannen op van Job te antwoorden, dewijl hij in zijn ogen rechtvaardig was.
2
Zo ontstak de toorn van Elihu, den zoon van Baracheel, den Buziet, van het geslacht van Ram; tegen Job werd zijn toorn ontstoken, omdat hij zijn ziel meer rechtvaardigde dan God.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein