Skip to content
Job 24:2-4

Job 24:2-4

2
Zij tasten de landpalen aan; de kudden roven zij, en weiden ze.
3
Den ezel der wezen drijven zij weg; den os ener weduwe nemen zij te pand.
4
Zij doen de nooddruftigen wijken van den weg; te zamen versteken zich de ellendigen des lands.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein