Genesis 21:25-29
25
En Abraham berispte Abimelech ter oorzake van een waterput, die Abimelechs knechten met geweld genomen hadden.
26
Toen zeide Abimelech: Ik heb niet geweten, wie dit stuk gedaan heeft; en ook hebt gij het mij niet aangezegd, en ik heb er ook niet van gehoord, dan heden.
27
En Abraham nam schapen en runderen, en gaf die aan Abimelech; en die beiden maakten een verbond.
28
Doch Abraham stelde zeven ooilammeren der kudde bijzonder.
29
Zo zeide Abimelech tot Abraham: Wat zullen hier deze zeven ooilammeren, die gij bijzonder gesteld hebt?
Settings