Genesis 19:6-8
6
Toen ging Lot uit tot hen aan de deur, en hij sloot de deur achter zich toe;
7
En hij zeide: Mijn broeders! doet toch geen kwaad!
8
Ziet toch, ik heb twee dochters, die geen man bekend hebben; ik zal haar nu tot u uitbrengen, en doet haar, zoals het goed is in uw ogen; alleenlijk doet dezen mannen niets; want daarom zijn zij onder de schaduw mijns daks ingegaan.
Settings