Skip to content
Ezechiël 28:1-2

Ezechiël 28:1-2

1
Voorts geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:
2
Mensenkind! zeg tot den vorst van Tyrus: Zo zegt de Heere HEERE: Omdat uw hart zich verheft en zegt: Ik ben God, ik zit in Godes stoel, in het hart der zeeen! daar gij een mens en geen God zijt, stelt gij nochtans uw hart, als Gods hart.

Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein