Ezechiël 23:1-4
1
Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:
2
Mensenkind! daar waren twee vrouwen, dochteren van een moeder.
3
Dezen hoereerden in Egypte; in haar jeugd hoereerden zij; daar werden haar borsten gedrukt, en daar werden de tepelen haars maagdoms betast.
4
Haar namen nu waren: Ohola, de grootste, en Oholiba, haar zuster; en zij werden de Mijne, en baarden zonen en dochteren; dit waren haar namen: Samaria is Ohola, en Jeruzalem Oholiba.
Settings