Naar de inhoud
Deuteronomium 32:1-4

Aanroeping en inleiding tot het lied

Deuteronomium 32:1-4
1
Neig de oren, gij hemel, en ik zal spreken; en de aarde hore de redenen mijns monds.
2
Mijn leer druipe als een regen, mijn rede vloeie als een dauw; als een stofregen op de grasscheutjes, en als druppelen op het kruid.
3
Want ik zal den Naam des HEEREN uitroepen; geeft onzen God grootheid!
4
Hij is de Rotssteen, Wiens werk volkomen is; want al Zijn wegen zijn gerichte. God is waarheid, en is geen onrecht; rechtvaardig en recht is Hij.
Settings

Reading Style

Typeface

Font Size 19px

Reading Width 45 chars

Options