De nederlaag van machtige koningen
5
Gij zijt doorluchtiger en heerlijker dan de roofbergen.
6
De stouthartigen zijn beroofd geworden; zij hebben hun slaap gesluimerd; en geen van de dappere mannen hebben hun handen gevonden.
7
Van Uw schelden, o God van Jakob! is samen wagen en paard in slaap gezonken.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein