Het bedrog van de vijanden
10
Want in hun mond is niets rechts, hun binnenste is enkel verderving, hun keel is een open graf, met hun tong vleien zij.
11
Verklaar hen schuldig, o God; laat hen vervallen van hun raadslagen; drijf hen henen om de veelheid hunner overtredingen, want zij zijn wederspannig tegen U.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein