Psalmen 49:6-9
6
Waarom zou ik vrezen in kwade dagen, als de ongerechtigen, die op de hielen zijn, mij omringen?
7
Aangaande degenen, die op hun goed vertrouwen; en op de veelheid huns rijkdoms roemen;
8
Niemand van hen zal zijn broeder immermeer kunnen verlossen; hij zal Gode zijn rantsoen niet kunnen geven;
9
(Want de verlossing hunner ziel is te kostelijk, en zal in eeuwigheid ophouden);
Settings