De laatste smeekbede van de vreemdeling
13
Hoor, HEERE! mijn gebed, en neem mijn geroep ter ore; zwijg niet tot mijn tranen; want ik ben een vreemdeling bij U, een bijwoner, gelijk al mijn vaders.
14
Wend U van mij af, dat ik mij verkwikke, eer dat ik heenga, en ik niet meer zij.
Bijbeltekst: Statenvertaling (eBible "De Heilige Schrift 1917") · Publiek domein